Naar de inhoud

schitteren

een sterk licht verspreiden

schitteren

werkwoord ˈsxɪtərə(n)

Betekenis

  1. een sterk licht verspreiden
  2. opvallen

Hoe spreek je schitteren uit?

/ˈsxɪtərən/

Schitteren bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈsxɪtərən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
s sok
x acht
ɪ pit
t tak
ə de
r rood
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van schitteren

schitterenhele werkwoord — schitterdeverleden tijd enkelvoud — schitterdenverleden tijd meervoud — geschitterdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik schitter schitterde
jij schittert schitterde
hij, zij, het schittert schitterde
wij schitteren schitterden
jullie schitteren schitterden
zij schitteren schitterden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
geschitterd verleden tijd, deelwoord
geschitterd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geschitterd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geschitterd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geschitterd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geschitterd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geschitterd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geschitterd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geschitterd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geschitterd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geschitterd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geschitterd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geschitterd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geschitterd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geschitterd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geschitterd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geschitterd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geschitterd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
schitter gebiedende wijs
schitterde verleden tijd
schittere aanvoegende wijs
schitterend onvoltooid, deelwoord
te hebben geschitterd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te schitteren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen schitteren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal geschitterd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geschitterd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geschitterd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal schitteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal schitteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal schitteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou geschitterd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geschitterd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geschitterd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou schitteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou schitteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou schitteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geschitterd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geschitterd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geschitterd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden schitteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden schitteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden schitteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geschitterd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt schitteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geschitterd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geschitterd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geschitterd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen schitteren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen schitteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen schitteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen schitteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geschitterd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult schitteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘glinsteren’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1617

Woordfamilie van schitteren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geschitterd voltooid deelwoord schitteren
schitter gebiedende wijs schitteren
schitterde verleden tijd schitteren
schitterden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon schitteren
schittere aanvoegende wijs schitteren
schittert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon schitteren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schitteren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over schitteren

Hoe spreek je schitteren uit?
De uitspraak van schitteren is: /ˈsxɪtərə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent schitteren?
Schitteren is een werkwoord. Het woord betekent: een sterk licht verspreiden. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je schitteren?
Je vervoegt schitteren als volgt: de tegenwoordige tijd is schitter, de verleden tijd is schitterde en het voltooid deelwoord is geschitterd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord schitteren is 21 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. C 5
  3. H 4
  4. I 1
  5. T 2
  6. T 2
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 21 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

schitteren levert met Wordfeud minimaal 22 en maximaal 96 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. C 5
  3. H 4
  4. I 2
  5. T 2
  6. T 2
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 22 zonder bonus
  12. 96 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

schitteren in het kort

schitteren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van schitteren zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort schitteren bij een woordfamilie van 6 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

schitteren: een sterk licht verspreiden
Deel schitteren — standaardnederlands.nl