scheukpaal
zelfstandig naamwoordBetekenis
- paal waaraan dieren zich kunnen schuren als zij jeuk hebben
- iets dat voor een minderwaardig doel gebruikt wordt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| scheukpaaltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| scheukpaaltjes | verkleinwoord, meervoud |
| scheukpalen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van scheuk ww en paal
Woordfamilie van scheukpaal
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| scheukpaaltje | verkleinwoord | scheukpaal |
| scheukpaaltjes | verkleinwoord meervoud | scheukpaal |
| scheukpalen | meervoud | scheukpaal |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van scheukpaal zijn vastgelegd.