Naar de inhoud

schermutselen

op kleine schaal gevechten houden

schermutselen

werkwoord

Betekenis

  1. op kleine schaal gevechten houden

Vervoeging van schermutselen

schermutselenhele werkwoord — schermutseldeverleden tijd enkelvoud — schermutseldenverleden tijd meervoud — geschermutseldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik schermutsel schermutselde
jij schermutselt schermutselde
hij, zij, het schermutselt schermutselde
wij schermutselen schermutselden
jullie schermutselen schermutselden
zij schermutselen schermutselden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
geschermutseld verleden tijd, deelwoord
geschermutseld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geschermutseld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geschermutseld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geschermutseld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geschermutseld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geschermutseld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geschermutseld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geschermutseld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geschermutseld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geschermutseld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geschermutseld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geschermutseld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geschermutseld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geschermutseld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geschermutseld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geschermutseld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geschermutseld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
schermutsel gebiedende wijs
schermutselde verleden tijd
schermutsele aanvoegende wijs
schermutselend onvoltooid, deelwoord
te hebben geschermutseld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te schermutselen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen schermutselen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal geschermutseld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geschermutseld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geschermutseld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal schermutselen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal schermutselen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal schermutselen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou geschermutseld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geschermutseld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geschermutseld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou schermutselen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou schermutselen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou schermutselen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geschermutseld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geschermutseld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geschermutseld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden schermutselen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden schermutselen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden schermutselen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geschermutseld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt schermutselen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geschermutseld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geschermutseld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geschermutseld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen schermutselen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen schermutselen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen schermutselen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen schermutselen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geschermutseld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult schermutselen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Het werkwoord is kennelijk gevormd op basis van of beïnvloed door Duits Scharmützel "handgemeen, klein conflict", in de betekenis van ‘kleine gevechten houden’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1704

Woordfamilie van schermutselen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geschermutseld voltooid deelwoord schermutselen
schermutsel gebiedende wijs schermutselen
schermutselde verleden tijd schermutselen
schermutselden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon schermutselen
schermutsele aanvoegende wijs schermutselen
schermutselend onvoltooid deelwoord schermutselen
schermutselende woordvorm schermutselen
schermutselt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon schermutselen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schermutselen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over schermutselen

Wat is de betekenis van schermutselen?
Schermutselen is een werkwoord. De betekenis is: op kleine schaal gevechten houden.
Hoe vervoeg ik schermutselen?
Zo vervoeg je schermutselen zo: de tegenwoordige tijd is schermutsel, de verleden tijd is schermutselde en het voltooid deelwoord is geschermutseld. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord schermutselen is 31 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. C 5
  3. H 4
  4. E 1
  5. R 2
  6. M 3
  7. U 4
  8. T 2
  9. S 2
  10. E 1
  11. L 3
  12. E 1
  13. N 1
  14. 31 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

schermutselen levert met Wordfeud minimaal 29 en maximaal 117 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. C 5
  3. H 4
  4. E 1
  5. R 2
  6. M 3
  7. U 2
  8. T 2
  9. S 2
  10. E 1
  11. L 3
  12. E 1
  13. N 1
  14. 29 zonder bonus
  15. 117 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

schermutselen in het kort

schermutselen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van schermutselen staan er 32 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort schermutselen bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

schermutselen: op kleine schaal gevechten houden
Deel schermutselen — standaardnederlands.nl