schandpaal
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een paal op een plein, waaraan mensen bij wijze van straf werden vastgemaakt om vernederd te worden door de omstanders
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| schandpaaltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| schandpaaltjes | verkleinwoord, meervoud |
| schandpalen | meervoud |
Herkomst
Samenstelling van 'schand' (van schande) en paal
Woordfamilie van schandpaal
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| schandpaaltje | verkleinwoord | schandpaal |
| schandpaaltjes | verkleinwoord meervoud | schandpaal |
| schandpalen | meervoud | schandpaal |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schandpaal zijn vastgelegd.