rotzooien
werkwoord ˈrɔtsojə(n)Betekenis
- ergens een grote rommel van maken
- tweede betekenisomschrijving
- enz.
Hoe spreek je rotzooien uit?
/ˈrɔtsojən/
Rotzooien bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| ɔ | bot |
| t | tak |
| s | sok |
| o | boot |
| j | ja |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
werkwoord
- ongepast beoefenen van het liefdesspel pejorative, unergative
Vervoeging van rotzooien
rotzooienhele werkwoord — rotzooideverleden tijd enkelvoud — rotzooidenverleden tijd meervoud — gerotzooidvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | rotzooi | rotzooide |
| jij | rotzooit | rotzooide |
| hij, zij, het | rotzooit | rotzooide |
| wij | rotzooien | rotzooiden |
| jullie | rotzooien | rotzooiden |
| zij | rotzooien | rotzooiden |
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| er is gerotzooid | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gerotzooid | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gerotzooid | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gerotzooid | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gerotzooid worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gerotzooid zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gerotzooid worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gerotzooid zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gerotzooid | verleden tijd, deelwoord |
| gerotzooid te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gerotzooid zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gerotzooid | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gerotzooid | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gerotzooid | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gerotzooid | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gerotzooid | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gerotzooid | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gerotzooid | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gerotzooid | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gerotzooid | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gerotzooid | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gerotzooid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gerotzooid | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gerotzooid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gerotzooid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gerotzooid | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| rotzooi | gebiedende wijs |
| rotzooide | verleden tijd |
| rotzooie | aanvoegende wijs |
| rotzooiend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben gerotzooid | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te rotzooien | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen rotzooien | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| zal gerotzooid hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gerotzooid hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gerotzooid hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal rotzooien | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal rotzooien | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal rotzooien | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zou gerotzooid hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gerotzooid hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gerotzooid hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou rotzooien | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou rotzooien | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou rotzooien | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gerotzooid hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gerotzooid hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gerotzooid hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden rotzooien | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden rotzooien | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden rotzooien | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gerotzooid hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt rotzooien | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gerotzooid hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gerotzooid hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gerotzooid hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen rotzooien | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen rotzooien | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen rotzooien | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen rotzooien | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gerotzooid hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult rotzooien | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
afgeleid van rotzooi zn met het achtervoegsel -en
Woordfamilie van rotzooien
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gerotzooid | voltooid deelwoord | rotzooien |
| rotzooide | verleden tijd | rotzooien |
| rotzooiden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | rotzooien |
| rotzooie | aanvoegende wijs | rotzooien |
| rotzooiend | onvoltooid deelwoord | rotzooien |
| rotzooiende | woordvorm | rotzooien |
| rotzooit | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | rotzooien |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rotzooien zijn vastgelegd.