reporter
zelfstandig naamwoord riˈpɔːrtərBetekenis
- iemand die in de media verslag doet van een onderwerp.
Hoe spreek je reporter uit?
/riˈpɔrtər/
Reporter bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| i | riet |
| p | pak |
| ɔ | bot |
| t | tak |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| reporters | meervoud |
| reportertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| reportertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘verslaggever’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1847
Woordfamilie van reporter
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| reporters | meervoud | reporter |
| reportertje | verkleinwoord | reporter |
| reportertjes | verkleinwoord meervoud | reporter |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van reporter zijn vastgelegd.