Naar de inhoud

puilen

naar buiten toe uitsteken

puilen

werkwoord

Betekenis

  1. naar buiten toe uitsteken
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Vervoeging van puilen

puilenhele werkwoord — puildeverleden tijd enkelvoud — puildenverleden tijd meervoud — gepuildvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik puil puilde
jij puilt puilde
hij, zij, het puilt puilde
wij puilen puilden
jullie puilen puilden
zij puilen puilden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gepuild verleden tijd, deelwoord
gepuild te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gepuild zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gepuild voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gepuild voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gepuild voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gepuild voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gepuild voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gepuild voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gepuild voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gepuild voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gepuild actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gepuild voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gepuild voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gepuild voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gepuild voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gepuild voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gepuild voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
puil gebiedende wijs
puilde verleden tijd
puile aanvoegende wijs
puilend onvoltooid, deelwoord
te hebben gepuild actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te puilen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen puilen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gepuild hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gepuild hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gepuild hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal puilen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal puilen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal puilen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gepuild hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gepuild hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gepuild hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou puilen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou puilen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou puilen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gepuild hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gepuild hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gepuild hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden puilen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden puilen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden puilen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gepuild hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt puilen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gepuild hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gepuild hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gepuild hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen puilen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen puilen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen puilen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen puilen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gepuild hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult puilen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘zwellen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1351

Woordfamilie van puilen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gepuild voltooid deelwoord puilen
puil gebiedende wijs puilen
puilde verleden tijd puilen
puilden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon puilen
puile aanvoegende wijs puilen
puilend onvoltooid deelwoord puilen
puilende woordvorm puilen
puilt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon puilen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van puilen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over puilen

Wat is de betekenis van puilen?
Puilen is een werkwoord. De betekenis is: naar buiten toe uitsteken. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik puilen?
Zo vervoeg je puilen zo: de tegenwoordige tijd is puil, de verleden tijd is puilde en het voltooid deelwoord is gepuild. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord puilen is 13 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. P 3
  2. U 4
  3. I 1
  4. L 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 13 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

puilen levert met Wordfeud minimaal 13 en maximaal 63 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. P 4
  2. U 2
  3. I 2
  4. L 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 13 zonder bonus
  8. 63 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

puilen telt 6 letters, waarvan 6 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

puilen in het kort

puilen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van puilen staan er 32 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort puilen bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

puilen: naar buiten toe uitsteken
Deel puilen — standaardnederlands.nl