prinsdom
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een staat waarvan een prins het staatshoofd is
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| prinsdommen | meervoud |
| prinsdommetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| prinsdommetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
afleiding van prins met het achtervoegsel -dom
Woordfamilie van prinsdom
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| prinsdommen | meervoud | prinsdom |
| prinsdommetje | verkleinwoord | prinsdom |
| prinsdommetjes | verkleinwoord meervoud | prinsdom |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van prinsdom zijn vastgelegd.