Naar de inhoud

portretteren

een portret maken

portretteren

werkwoord

Betekenis

  1. een portret maken
  2. met woorden beschrijven

Vervoeging van portretteren

portretterenhele werkwoord — portretteerdeverleden tijd enkelvoud — portretteerdenverleden tijd meervoud — geportretteerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik portretteer portretteerde
jij portretteert portretteerde
hij, zij, het portretteert portretteerde
wij portretteren portretteerden
jullie portretteren portretteerden
zij portretteren portretteerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben geportretteerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent geportretteerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is geportretteerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geportretteerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geportretteerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geportretteerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geportretteerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geportretteerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geportretteerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geportretteerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
geportretteerd verleden tijd, deelwoord
geportretteerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geportretteerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geportretteerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geportretteerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
geportretteerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geportretteerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geportretteerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geportretteerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
geportretteerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
geportretteerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geportretteerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geportretteerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geportretteerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geportretteerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geportretteerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geportretteerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geportretteerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geportretteerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geportretteerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geportretteerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geportretteerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geportretteerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geportretteerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geportretteerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geportretteerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is geportretteerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is geportretteerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
portretteer gebiedende wijs
portretteerde verleden tijd
portrettere aanvoegende wijs
portretterend onvoltooid, deelwoord
te hebben geportretteerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te portretteren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen portretteren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart geportretteerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geportretteerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren geportretteerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geportretteerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was geportretteerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was geportretteerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was geportretteerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd geportretteerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd geportretteerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd geportretteerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden geportretteerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden geportretteerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden geportretteerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt geportretteerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word geportretteerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden geportretteerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden geportretteerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden geportretteerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt geportretteerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt geportretteerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal geportretteerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geportretteerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geportretteerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal geportretteerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geportretteerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal geportretteerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geportretteerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal portretteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal portretteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal portretteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn geportretteerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn geportretteerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn geportretteerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt geportretteerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou geportretteerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geportretteerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geportretteerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou geportretteerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geportretteerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou geportretteerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geportretteerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geportretteerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geportretteerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou portretteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou portretteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou portretteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geportretteerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geportretteerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geportretteerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geportretteerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden geportretteerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden geportretteerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geportretteerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geportretteerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geportretteerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden portretteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden portretteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden portretteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geportretteerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geportretteerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geportretteerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt portretteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geportretteerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geportretteerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geportretteerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geportretteerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen geportretteerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen geportretteerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geportretteerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geportretteerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geportretteerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen portretteren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen portretteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen portretteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen portretteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geportretteerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geportretteerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geportretteerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult portretteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van portret met het achtervoegsel -eren

Woordfamilie van portretteren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geportretteerd voltooid deelwoord portretteren
portretteer gebiedende wijs portretteren
portretteerde verleden tijd portretteren
portretteerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon portretteren
portretteert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon portretteren
portrettere aanvoegende wijs portretteren
portretterend onvoltooid deelwoord portretteren
portretterende woordvorm portretteren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van portretteren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over portretteren

Wat is de betekenis van portretteren?
Portretteren is een werkwoord. De betekenis is: een portret maken. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik portretteren?
Zo vervoeg je portretteren zo: de tegenwoordige tijd is portretteer, de verleden tijd is portretteerde en het voltooid deelwoord is geportretteerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord portretteren is 20 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. P 3
  2. O 1
  3. R 2
  4. T 2
  5. R 2
  6. E 1
  7. T 2
  8. T 2
  9. E 1
  10. R 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 20 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

portretteren levert met Wordfeud minimaal 21 en maximaal 87 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. P 4
  2. O 1
  3. R 2
  4. T 2
  5. R 2
  6. E 1
  7. T 2
  8. T 2
  9. E 1
  10. R 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 21 zonder bonus
  14. 87 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

portretteren in het kort

portretteren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van portretteren staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort portretteren bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

portretteren: een portret maken
Deel portretteren — standaardnederlands.nl