plano
zelfstandig naamwoord, bijwoord ˈplanoBetekenis
- ongevouwen blad papier dat maar aan één kant bedrukt is
- ongevouwen blad, waaruit met vouwen en snijden een katern wordt gemaakt
- in losse vellen
- tekening
- vlak, plat
Hoe spreek je plano uit?
/ˈplano/
Plano bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| l | land |
| a | maan |
| n | nek |
| o | boot |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| plano's | meervoud |
Herkomst
van Latijn plano als verkorting van "in plano folio": "op een vlak blad"
Woordfamilie van plano
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| plano's | meervoud | plano |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van plano zijn vastgelegd.