Naar de inhoud

percoleren

extraheren door het laten doorsijpelen

percoleren

werkwoord

Betekenis

  1. extraheren door het laten doorsijpelen

Vervoeging van percoleren

percolerenhele werkwoord — percoleerdeverleden tijd enkelvoud — percoleerdenverleden tijd meervoud — gepercoleerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik percoleer percoleerde
jij percoleert percoleerde
hij, zij, het percoleert percoleerde
wij percoleren percoleerden
jullie percoleren percoleerden
zij percoleren percoleerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gepercoleerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gepercoleerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gepercoleerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gepercoleerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gepercoleerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gepercoleerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gepercoleerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gepercoleerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gepercoleerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gepercoleerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gepercoleerd verleden tijd, deelwoord
gepercoleerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gepercoleerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gepercoleerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gepercoleerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gepercoleerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gepercoleerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gepercoleerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gepercoleerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gepercoleerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gepercoleerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gepercoleerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gepercoleerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gepercoleerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gepercoleerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gepercoleerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gepercoleerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gepercoleerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gepercoleerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gepercoleerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gepercoleerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gepercoleerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gepercoleerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gepercoleerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gepercoleerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gepercoleerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gepercoleerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gepercoleerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
percoleer gebiedende wijs
percoleerde verleden tijd
percolere aanvoegende wijs
percolerend onvoltooid, deelwoord
te hebben gepercoleerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te percoleren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen percoleren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gepercoleerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gepercoleerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gepercoleerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gepercoleerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gepercoleerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gepercoleerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gepercoleerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gepercoleerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gepercoleerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gepercoleerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gepercoleerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gepercoleerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gepercoleerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gepercoleerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gepercoleerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gepercoleerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gepercoleerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gepercoleerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gepercoleerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gepercoleerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gepercoleerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gepercoleerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gepercoleerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gepercoleerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gepercoleerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gepercoleerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gepercoleerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal percoleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal percoleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal percoleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gepercoleerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gepercoleerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gepercoleerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gepercoleerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gepercoleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gepercoleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gepercoleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gepercoleerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gepercoleerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gepercoleerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gepercoleerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gepercoleerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gepercoleerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou percoleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou percoleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou percoleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gepercoleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gepercoleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gepercoleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gepercoleerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gepercoleerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gepercoleerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gepercoleerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gepercoleerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gepercoleerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden percoleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden percoleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden percoleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gepercoleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gepercoleerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gepercoleerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt percoleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gepercoleerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gepercoleerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gepercoleerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gepercoleerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gepercoleerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gepercoleerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gepercoleerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gepercoleerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gepercoleerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen percoleren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen percoleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen percoleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen percoleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gepercoleerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gepercoleerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gepercoleerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult percoleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘laten doorsijpelen’ voor het eerst aangetroffen in 1698

Woordfamilie van percoleren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gepercoleerd voltooid deelwoord percoleren
gepercoleerde woordvorm percoleren
percoleer gebiedende wijs percoleren
percoleerde verleden tijd percoleren
percoleerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon percoleren
percoleert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon percoleren
percolere aanvoegende wijs percoleren
percolerend onvoltooid deelwoord percoleren
percolerende woordvorm percoleren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van percoleren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over percoleren

Wat is de betekenis van percoleren?
Percoleren is een werkwoord. De betekenis is: extraheren door het laten doorsijpelen.
Hoe vervoeg ik percoleren?
Zo vervoeg je percoleren zo: de tegenwoordige tijd is percoleer, de verleden tijd is percoleerde en het voltooid deelwoord is gepercoleerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord percoleren is 20 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. P 3
  2. E 1
  3. R 2
  4. C 5
  5. O 1
  6. L 3
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 20 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

percoleren levert met Wordfeud minimaal 21 en maximaal 93 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. P 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. C 5
  5. O 1
  6. L 3
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 21 zonder bonus
  12. 93 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

percoleren in het kort

percoleren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van percoleren staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort percoleren bij een woordfamilie van 9 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

percoleren: extraheren door het laten doorsijpelen
Deel percoleren — standaardnederlands.nl