Naar de inhoud

peilen

de waterdiepte bepalen

peilen is meer dan één woord

peilen

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. de waterdiepte bepalen
  2. onderzoeken wat mensen vinden of voelen

Vervoeging van peilen

peilenhele werkwoord — peildeverleden tijd enkelvoud — peildenverleden tijd meervoud — gepeildvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik peil peilde
jij peilt peilde
hij, zij, het peilt peilde
wij peilen peilden
jullie peilen peilden
zij peilen peilden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gepeild voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gepeild voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gepeild impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gepeild impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gepeild impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gepeild impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gepeild worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gepeild zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gepeild worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gepeild zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gepeild verleden tijd, deelwoord
gepeild te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gepeild te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gepeild te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gepeild te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gepeild te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gepeild worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gepeild zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gepeild zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gepeild zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gepeild zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gepeild voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gepeild voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gepeild voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gepeild voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gepeild voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gepeild voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gepeild voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gepeild voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gepeild actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gepeild voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gepeild voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gepeild voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gepeild voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gepeild voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gepeild voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gepeild voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gepeild voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
peil gebiedende wijs
peilde verleden tijd
peile aanvoegende wijs
peilend onvoltooid, deelwoord
te hebben gepeild actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te peilen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen peilen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gepeild voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gepeild voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gepeild voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gepeild voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gepeild voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gepeild voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gepeild voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gepeild enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gepeild enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gepeild enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gepeild enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gepeild enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gepeild enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gepeild enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gepeild enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gepeild enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gepeild enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gepeild enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gepeild enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gepeild enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gepeild hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gepeild hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gepeild hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gepeild worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gepeild worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gepeild zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gepeild zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal peilen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal peilen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal peilen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gepeild voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gepeild voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gepeild voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gepeild voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gepeild hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gepeild hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gepeild hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gepeild worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gepeild worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gepeild worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gepeild zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gepeild zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gepeild zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou peilen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou peilen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou peilen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gepeild hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gepeild hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gepeild hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gepeild worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gepeild worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gepeild worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gepeild zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gepeild zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gepeild zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden peilen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden peilen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden peilen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gepeild hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gepeild worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gepeild zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt peilen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gepeild hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gepeild hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gepeild hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gepeild worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gepeild worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gepeild worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gepeild zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gepeild zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gepeild zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen peilen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen peilen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen peilen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen peilen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gepeild hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gepeild worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gepeild zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult peilen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord peil

Woordfamilie van peilen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gepeild voltooid deelwoord peilen
gepeilde woordvorm peilen
peilde verleden tijd peilen
peilden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon peilen
peile aanvoegende wijs peilen
peilt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon peilen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van peilen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over peilen

Wat betekent peilen?
Peilen is een werkwoord. Het woord betekent: de waterdiepte bepalen. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je peilen?
Je vervoegt peilen als volgt: de tegenwoordige tijd is peil, de verleden tijd is peilde en het voltooid deelwoord is gepeild. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord peilen is 10 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. P 3
  2. E 1
  3. I 1
  4. L 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 10 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

peilen levert met Wordfeud minimaal 12 en maximaal 60 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. P 4
  2. E 1
  3. I 2
  4. L 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 12 zonder bonus
  8. 60 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

peilen telt 6 letters, waarvan 5 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

peilen in het kort

peilen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van peilen zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort peilen bij een woordfamilie van 6 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

peilen: de waterdiepte bepalen
Deel peilen — standaardnederlands.nl