Naar de inhoud

patrouilleren

verkennen

patrouilleren

werkwoord

Betekenis

  1. verkennen

Vervoeging van patrouilleren

patrouillerenhele werkwoord — patrouilleerdeverleden tijd enkelvoud — patrouilleerdenverleden tijd meervoud — gepatrouilleerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik patrouilleer patrouilleerde
jij patrouilleert patrouilleerde
hij, zij, het patrouilleert patrouilleerde
wij patrouilleren patrouilleerden
jullie patrouilleren patrouilleerden
zij patrouilleren patrouilleerden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gepatrouilleerd verleden tijd, deelwoord
gepatrouilleerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gepatrouilleerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gepatrouilleerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gepatrouilleerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gepatrouilleerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gepatrouilleerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gepatrouilleerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gepatrouilleerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gepatrouilleerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gepatrouilleerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gepatrouilleerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gepatrouilleerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gepatrouilleerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gepatrouilleerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gepatrouilleerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gepatrouilleerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gepatrouilleerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
patrouilleer gebiedende wijs
patrouilleerde verleden tijd
patrouillere aanvoegende wijs
patrouillerend onvoltooid, deelwoord
te hebben gepatrouilleerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te patrouilleren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen patrouilleren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gepatrouilleerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gepatrouilleerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gepatrouilleerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal patrouilleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal patrouilleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal patrouilleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gepatrouilleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gepatrouilleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gepatrouilleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou patrouilleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou patrouilleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou patrouilleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gepatrouilleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gepatrouilleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gepatrouilleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden patrouilleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden patrouilleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden patrouilleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gepatrouilleerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt patrouilleren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gepatrouilleerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gepatrouilleerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gepatrouilleerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen patrouilleren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen patrouilleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen patrouilleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen patrouilleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gepatrouilleerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult patrouilleren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van het Franse patrouiller (met het achtervoegsel -eren)

Woordfamilie van patrouilleren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gepatrouilleerd voltooid deelwoord patrouilleren
patrouilleer gebiedende wijs patrouilleren
patrouilleerde verleden tijd patrouilleren
patrouilleerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon patrouilleren
patrouilleert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon patrouilleren
patrouillere aanvoegende wijs patrouilleren
patrouillerend onvoltooid deelwoord patrouilleren
patrouillerende woordvorm patrouilleren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van patrouilleren zijn vastgelegd.

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over patrouilleren

Wat betekent patrouilleren?
Patrouilleren is een werkwoord. Het woord betekent: verkennen.
Hoe vervoeg je patrouilleren?
Je vervoegt patrouilleren als volgt: de tegenwoordige tijd is patrouilleer, de verleden tijd is patrouilleerde en het voltooid deelwoord is gepatrouilleerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord patrouilleren is 25 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. P 3
  2. A 1
  3. T 2
  4. R 2
  5. O 1
  6. U 4
  7. I 1
  8. L 3
  9. L 3
  10. E 1
  11. R 2
  12. E 1
  13. N 1
  14. 25 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

patrouilleren levert met Wordfeud minimaal 25 en maximaal 99 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. P 4
  2. A 1
  3. T 2
  4. R 2
  5. O 1
  6. U 2
  7. I 2
  8. L 3
  9. L 3
  10. E 1
  11. R 2
  12. E 1
  13. N 1
  14. 25 zonder bonus
  15. 99 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

patrouilleren in het kort

patrouilleren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van patrouilleren zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort patrouilleren bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

patrouilleren: verkennen
Deel patrouilleren — standaardnederlands.nl