parelen
werkwoord, zelfstandig naamwoordBetekenis
- als glinsterende bolle druppels op de huid komen staan
- met heldere klanken klinken
- glinsteren
Vervoeging van parelen
parelenhele werkwoord — pareldeverleden tijd enkelvoud — pareldenverleden tijd meervoud — gepareldvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | parel | parelde |
| jij | parelt | parelde |
| hij, zij, het | parelt | parelde |
| wij | parelen | parelden |
| jullie | parelen | parelden |
| zij | parelen | parelden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gepareld | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gepareld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gepareld | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gepareld | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gepareld | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gepareld | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gepareld worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gepareld zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gepareld worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gepareld zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gepareld | verleden tijd, deelwoord |
| gepareld te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gepareld te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gepareld te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gepareld te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gepareld te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gepareld worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gepareld zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gepareld zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gepareld zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gepareld zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gepareld | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gepareld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gepareld | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gepareld | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gepareld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gepareld | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gepareld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gepareld | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gepareld | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gepareld | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gepareld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gepareld | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gepareld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gepareld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gepareld | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gepareld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gepareld | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| parel | gebiedende wijs |
| parelde | verleden tijd |
| parele | aanvoegende wijs |
| parelend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben gepareld | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te parelen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen parelen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gepareld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gepareld | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gepareld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gepareld | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gepareld | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gepareld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gepareld | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gepareld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gepareld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gepareld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gepareld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gepareld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gepareld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gepareld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gepareld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gepareld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gepareld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gepareld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gepareld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gepareld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal gepareld hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gepareld hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gepareld hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gepareld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gepareld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gepareld zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gepareld zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal parelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal parelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal parelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn gepareld | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gepareld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gepareld | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gepareld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou gepareld hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gepareld hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gepareld hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gepareld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gepareld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gepareld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gepareld zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gepareld zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gepareld zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou parelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou parelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou parelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gepareld hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gepareld hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gepareld hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gepareld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gepareld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gepareld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gepareld zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gepareld zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gepareld zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden parelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden parelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden parelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gepareld hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gepareld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gepareld zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt parelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gepareld hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gepareld hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gepareld hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gepareld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gepareld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gepareld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gepareld zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gepareld zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gepareld zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen parelen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen parelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen parelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen parelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gepareld hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gepareld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gepareld zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult parelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord parel
Herkomst
afleiding van parel
Woordfamilie van parelen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| parelde | verleden tijd | parelen |
| parelden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | parelen |
| parele | aanvoegende wijs | parelen |
| parelt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | parelen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van parelen zijn vastgelegd.