oxideren
werkwoordBetekenis
- het oxidatiegetal van een species verhogen door onttrekking van een of meer elektronen
- bedekt raken met een oxidehuid
Vervoeging van oxideren
oxiderenhele werkwoord — oxideerdeverleden tijd enkelvoud — oxideerdenverleden tijd meervoud — geoxideerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | oxideer | oxideerde |
| jij | oxideert | oxideerde |
| hij, zij, het | oxideert | oxideerde |
| wij | oxideren | oxideerden |
| jullie | oxideren | oxideerden |
| zij | oxideren | oxideerden |
Alle 99 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief, voltooid |
| ben geoxideerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent geoxideerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is geoxideerd | impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon, voltooid |
| er was geoxideerd | impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, derde persoon, voltooid |
| er werd geoxideerd | impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, eerste persoon, onvoltooid |
| er wordt geoxideerd | impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon, onvoltooid |
| er zal geoxideerd worden | impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, eerste persoon, onvoltooid |
| er zal geoxideerd zijn | impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, derde persoon, voltooid |
| er zou geoxideerd worden | impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon, onvoltooid |
| er zou geoxideerd zijn | impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, derde persoon, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| geoxideerd | verleden tijd, deelwoord |
| geoxideerd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| geoxideerd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| geoxideerd te zullen hebben/zijn | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geoxideerd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geoxideerd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geoxideerd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| geoxideerd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| geoxideerd zullen hebben/zijn | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| geoxideerd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| geoxideerd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| hebben geoxideerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| is geoxideerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is geoxideerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| oxideer | gebiedende wijs |
| oxideerde | verleden tijd |
| oxidere | aanvoegende wijs |
| oxiderend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben/zijn geoxideerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te oxideren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen oxideren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart geoxideerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren geoxideerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren geoxideerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren geoxideerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was geoxideerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was geoxideerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was geoxideerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd geoxideerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd geoxideerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd geoxideerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden geoxideerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden geoxideerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden geoxideerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt geoxideerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word geoxideerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden geoxideerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden geoxideerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden geoxideerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt geoxideerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt geoxideerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal geoxideerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geoxideerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal geoxideerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geoxideerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal oxideren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal oxideren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal oxideren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn geoxideerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| zijn geoxideerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn geoxideerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn geoxideerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt geoxideerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou geoxideerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geoxideerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou geoxideerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geoxideerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geoxideerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geoxideerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou oxideren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou oxideren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou oxideren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden geoxideerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden geoxideerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden geoxideerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden geoxideerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden geoxideerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden geoxideerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden oxideren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden oxideren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden oxideren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt geoxideerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt geoxideerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt oxideren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen geoxideerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen geoxideerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen geoxideerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen geoxideerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen geoxideerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen geoxideerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen oxideren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen oxideren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen oxideren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen oxideren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult geoxideerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult geoxideerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult oxideren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
leenwoord van Frans oxyder (met het achtervoegsel -eren)
Woordfamilie van oxideren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| geoxideerd | voltooid deelwoord | oxideren |
| geoxideerde | woordvorm | oxideren |
| oxideer | gebiedende wijs | oxideren |
| oxideerde | verleden tijd | oxideren |
| oxideerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | oxideren |
| oxideert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | oxideren |
| oxidere | aanvoegende wijs | oxideren |
| oxiderend | onvoltooid deelwoord | oxideren |
| oxiderende | woordvorm | oxideren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van oxideren zijn vastgelegd.