overtreding
zelfstandig naamwoord ˌovərˈtredɪŋBetekenis
- een relatief licht strafbaar feit (Nederlands recht)
- een politiestraf uitgesproken door de Politierechtbank (Belgisch recht)
- het zich niet houden aan een spelregel
Hoe spreek je overtreding uit?
/ˌovərˈtredɪŋ/
Overtreding bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| o | boot |
| v | vis |
| ə | de |
| r | rood |
| t | tak |
| e | veel |
| d | dak |
| ɪ | pit |
| ŋ | ding |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| overtredingen | meervoud |
| overtredinkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| overtredinkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van overtreden met het achtervoegsel -ing
Woordfamilie van overtreding
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| overtredingen | meervoud | overtreding |
| overtredinkje | verkleinwoord | overtreding |
| overtredinkjes | verkleinwoord meervoud | overtreding |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van overtreding zijn vastgelegd.