overboeken
werkwoordBetekenis
- naar een andere rekening overzetten
- meer dan eenmaal verhuren
Vervoeging van overboeken
overboekenhele werkwoord — boekte oververleden tijd enkelvoud — boekten oververleden tijd meervoud — overgeboektvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | boek over | boekte over |
| jij | boekt over | boekte over |
| hij, zij, het | boekt over | boekte over |
| wij | boeken over | boekten over |
| jullie | boeken over | boekten over |
| zij | boeken over | boekten over |
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben overgeboekt | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent overgeboekt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| boek over | gebiedende wijs |
| boekte over | verleden tijd |
| er is overgeboekt | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was overgeboekt | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd overgeboekt | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt overgeboekt | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal overgeboekt worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal overgeboekt zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou overgeboekt worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou overgeboekt zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had overgeboekt | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had overgeboekt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had overgeboekt | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden overgeboekt | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden overgeboekt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden overgeboekt | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt overgeboekt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb overgeboekt | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben overgeboekt | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben overgeboekt | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben overgeboekt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben overgeboekt | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt overgeboekt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft overgeboekt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft overgeboekt | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is overgeboekt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is overgeboekt | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| over te boeken | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| over te zullen boeken | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| over zal boeken | bijzin, toekomende tijd |
| over zou boeken | bijzin, voorwaardelijk |
| over zouden boeken | bijzin, voorwaardelijk |
| over zoudt boeken | bijzin, voorwaardelijk |
| over zullen boeken | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| over zullen boeken | bijzin, toekomende tijd |
| over zult boeken | bijzin, toekomende tijd |
| overboek | bijzin, tegenwoordige tijd |
| overboekend | onvoltooid, deelwoord |
| overboekt | bijzin, tegenwoordige tijd |
| overboekte | bijzin, verleden tijd |
| overboekten | bijzin, verleden tijd |
| overgeboekt | verleden tijd, deelwoord |
| overgeboekt te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| overgeboekt te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| overgeboekt te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| overgeboekt te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| overgeboekt te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| overgeboekt worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| overgeboekt zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| overgeboekt zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| overgeboekt zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| overgeboekt zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| te hebben overgeboekt | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen overboeken | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart overgeboekt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren overgeboekt | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren overgeboekt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren overgeboekt | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was overgeboekt | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was overgeboekt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was overgeboekt | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd overgeboekt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd overgeboekt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd overgeboekt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden overgeboekt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden overgeboekt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden overgeboekt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt overgeboekt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word overgeboekt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden overgeboekt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden overgeboekt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden overgeboekt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt overgeboekt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt overgeboekt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal overboeken | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal overboeken | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal overboeken | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal overboeken | bijzin, toekomende tijd |
| zal overgeboekt hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal overgeboekt hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal overgeboekt hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal overgeboekt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal overgeboekt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal overgeboekt zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal overgeboekt zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zijn overgeboekt | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn overgeboekt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn overgeboekt | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt overgeboekt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou overboeken | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou overboeken | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou overboeken | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou overboeken | bijzin, voorwaardelijk |
| zou overgeboekt hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou overgeboekt hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou overgeboekt hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou overgeboekt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou overgeboekt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou overgeboekt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou overgeboekt zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou overgeboekt zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou overgeboekt zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou(dt) overboeken over zou(dt) boeken | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden overboeken | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden overboeken | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden overboeken | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden overboeken | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden overgeboekt hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden overgeboekt hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden overgeboekt hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden overgeboekt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden overgeboekt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden overgeboekt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden overgeboekt zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden overgeboekt zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden overgeboekt zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt overboeken | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt overboeken | bijzin, voorwaardelijk |
| zoudt overgeboekt hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt overgeboekt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt overgeboekt zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen overboeken | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen overboeken | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen overboeken | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen overboeken | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen overboeken | bijzin, toekomende tijd |
| zullen overgeboekt hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen overgeboekt hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen overgeboekt hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen overgeboekt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen overgeboekt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen overgeboekt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen overgeboekt zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen overgeboekt zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen overgeboekt zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult overboeken | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
samenstelling van over en boeken
Woordfamilie van overboeken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| boek over | gebiedende wijs | overboeken |
| boeke over | woordvorm | overboeken |
| boeken over | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon | overboeken |
| boekt over | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | overboeken |
| boekte over | verleden tijd | overboeken |
| boekten over | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | overboeken |
| overboek | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | overboeken |
| overboeke | with-subordinate-clause | overboeken |
| overboekend | onvoltooid deelwoord | overboeken |
| overboekende | woordvorm | overboeken |
| overboekt | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | overboeken |
| overboekte | subordinate-clause, verleden tijd | overboeken |
| overboekten | subordinate-clause, verleden tijd | overboeken |
| overgeboekt | voltooid deelwoord | overboeken |
| overgeboekte | woordvorm | overboeken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van overboeken zijn vastgelegd.