Naar de inhoud

overblazen

het door anders blazen een instrument een toon laten voortbrengen die een oktaaf hoger klinkt

overblazen

werkwoord /'ovərblazə(n)/

Betekenis

  1. het door anders blazen een instrument een toon laten voortbrengen die een oktaaf hoger klinkt

Hoe spreek je overblazen uit?

/ˈovərblazən/

Overblazen bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈovərblazən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
o boot
v vis
ə de
r rood
b bak
l land
a maan
z zon
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van overblazen

overblazenhele werkwoord — blies oververleden tijd enkelvoud — bliezen oververleden tijd meervoud — overgeblazenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik blaas over blies over
jij blaast over blies over
hij, zij, het blaast over blies over
wij blazen over bliezen over
jullie blazen over bliezen over
zij blazen over bliezen over
Alle 82 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
blaas over gebiedende wijs
blies over verleden tijd
er is overgeblazen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was overgeblazen impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd overgeblazen impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt overgeblazen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal overgeblazen worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal overgeblazen zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou overgeblazen worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou overgeblazen zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had overgeblazen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had overgeblazen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had overgeblazen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden overgeblazen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden overgeblazen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden overgeblazen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt overgeblazen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb overgeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben overgeblazen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben overgeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben overgeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben overgeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt overgeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft overgeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft overgeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
over te blazen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
over te zullen blazen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
over zal blazen bijzin, toekomende tijd
over zou blazen bijzin, voorwaardelijk
over zouden blazen bijzin, voorwaardelijk
over zoudt blazen bijzin, voorwaardelijk
over zullen blazen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
over zullen blazen bijzin, toekomende tijd
over zult blazen bijzin, toekomende tijd
overblaas bijzin, tegenwoordige tijd
overblaast bijzin, tegenwoordige tijd
overblazend onvoltooid, deelwoord
overblies bijzin, verleden tijd
overbliezen bijzin, verleden tijd
overgeblazen verleden tijd, deelwoord
overgeblazen te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
overgeblazen zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
te hebben overgeblazen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen overblazen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal overblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal overblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal overblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal overblazen bijzin, toekomende tijd
zal overgeblazen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal overgeblazen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal overgeblazen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou overblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou overblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou overblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou overblazen bijzin, voorwaardelijk
zou overgeblazen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou overgeblazen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou overgeblazen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou(dt) overblazen over zou(dt) blazen bijzin, voorwaardelijk
zouden overblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden overblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden overblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden overblazen bijzin, voorwaardelijk
zouden overgeblazen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden overgeblazen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden overgeblazen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt overblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt overblazen bijzin, voorwaardelijk
zoudt overgeblazen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen overblazen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen overblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen overblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen overblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen overblazen bijzin, toekomende tijd
zullen overgeblazen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen overgeblazen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen overgeblazen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult overblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult overblazen bijzin, toekomende tijd
zult overgeblazen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult/zal overblazen over zult/zal blazen bijzin, toekomende tijd

Herkomst

samenstelling van over bw en blazen ww

Woordfamilie van overblazen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
blaas over gebiedende wijs overblazen
blaast over aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon overblazen
blaze over woordvorm overblazen
blazen over aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon overblazen
blies over verleden tijd overblazen
bliezen over aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon overblazen
overblaas subordinate-clause, tegenwoordige tijd overblazen
overblaast subordinate-clause, tegenwoordige tijd overblazen
overblaze with-subordinate-clause overblazen
overblazend onvoltooid deelwoord overblazen
overblazende woordvorm overblazen
overblies subordinate-clause, verleden tijd overblazen
overbliezen subordinate-clause, verleden tijd overblazen
overgeblazen voltooid deelwoord overblazen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van overblazen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over overblazen

Hoe spreek je overblazen uit?
De uitspraak van overblazen is: /'ovərblazə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent overblazen?
Overblazen is een werkwoord. Het woord betekent: het door anders blazen een instrument een toon laten voortbrengen die een oktaaf hoger klinkt.
Hoe vervoeg je overblazen?
Je vervoegt overblazen als volgt: het voltooid deelwoord is overgeblazen. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord overblazen is 21 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. V 4
  3. E 1
  4. R 2
  5. B 3
  6. L 3
  7. A 1
  8. Z 4
  9. E 1
  10. N 1
  11. 21 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

overblazen levert met Wordfeud minimaal 23 en maximaal 99 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. V 4
  3. E 1
  4. R 2
  5. B 4
  6. L 3
  7. A 1
  8. Z 5
  9. E 1
  10. N 1
  11. 23 zonder bonus
  12. 99 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (Z) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

overblazen in het kort

overblazen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van overblazen zijn 53 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort overblazen bij een woordfamilie van 14 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

overblazen: het door anders blazen een instrument een toon laten voortbrengen die een oktaaf hoger klinkt
Deel overblazen — standaardnederlands.nl