Naar de inhoud

overbelasten

zwaarder belasten dan het systeem verdragen kan

overbelasten

werkwoord

Betekenis

  1. zwaarder belasten dan het systeem verdragen kan
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Vervoeging van overbelasten

overbelastenhele werkwoord — overbelastteverleden tijd enkelvoud — overbelasttenverleden tijd meervoud — overbelastvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik overbelast overbelastte
jij overbelast overbelastte
hij, zij, het overbelast overbelastte
wij overbelasten overbelastten
jullie overbelasten overbelastten
zij overbelasten overbelastten
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben overbelast voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent overbelast voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is overbelast impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was overbelast impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd overbelast impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt overbelast impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal overbelast worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal overbelast zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou overbelast worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou overbelast zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had overbelast voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had overbelast voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had overbelast voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden overbelast voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden overbelast voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden overbelast voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt overbelast voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb overbelast voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben overbelast actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben overbelast voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben overbelast voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben overbelast voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt overbelast voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft overbelast voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft overbelast voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is overbelast voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is overbelast voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
overbelast gebiedende wijs
overbelast verleden tijd, deelwoord
overbelast te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
overbelast te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
overbelast te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
overbelast te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
overbelast te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
overbelast worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
overbelast zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
overbelast zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
overbelast zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
overbelast zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
overbelaste aanvoegende wijs
overbelastend onvoltooid, deelwoord
overbelastte verleden tijd
te hebben overbelast actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te overbelasten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen overbelasten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart overbelast voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren overbelast voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren overbelast voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren overbelast voltooid, verleden tijd, derde persoon
was overbelast voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was overbelast voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was overbelast voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd overbelast enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd overbelast enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd overbelast enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden overbelast enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden overbelast enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden overbelast enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt overbelast enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word overbelast enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden overbelast enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden overbelast enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden overbelast enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt overbelast enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt overbelast enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal overbelast hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal overbelast hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal overbelast hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal overbelast worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal overbelast worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal overbelast zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal overbelast zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal overbelasten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal overbelasten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal overbelasten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn overbelast voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn overbelast voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn overbelast voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt overbelast voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou overbelast hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou overbelast hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou overbelast hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou overbelast worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou overbelast worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou overbelast worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou overbelast zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou overbelast zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou overbelast zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou overbelasten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou overbelasten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou overbelasten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden overbelast hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden overbelast hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden overbelast hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden overbelast worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden overbelast worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden overbelast worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden overbelast zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden overbelast zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden overbelast zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden overbelasten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden overbelasten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden overbelasten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt overbelast hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt overbelast worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt overbelast zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt overbelasten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen overbelast hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen overbelast hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen overbelast hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen overbelast worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen overbelast worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen overbelast worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen overbelast zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen overbelast zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen overbelast zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen overbelasten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen overbelasten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen overbelasten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen overbelasten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult overbelast hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult overbelast worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult overbelast zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult overbelasten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van over bw en belasten ww

Woordfamilie van overbelasten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
overbelastend onvoltooid deelwoord overbelasten
overbelastende woordvorm overbelasten
overbelastte verleden tijd overbelasten
overbelastten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon overbelasten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van overbelasten zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over overbelasten

Wat betekent overbelasten?
Overbelasten is een werkwoord. Het woord betekent: zwaarder belasten dan het systeem verdragen kan. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je overbelasten?
Je vervoegt overbelasten als volgt: de tegenwoordige tijd is overbelast, de verleden tijd is overbelastte en het voltooid deelwoord is overbelast. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord overbelasten is 22 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. V 4
  3. E 1
  4. R 2
  5. B 3
  6. E 1
  7. L 3
  8. A 1
  9. S 2
  10. T 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 22 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

overbelasten levert met Wordfeud minimaal 23 en maximaal 93 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. V 4
  3. E 1
  4. R 2
  5. B 4
  6. E 1
  7. L 3
  8. A 1
  9. S 2
  10. T 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 23 zonder bonus
  14. 93 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

overbelasten in het kort

overbelasten staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van overbelasten zijn 73 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort overbelasten bij een woordfamilie van 4 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

overbelasten: zwaarder belasten dan het systeem verdragen kan
Deel overbelasten — standaardnederlands.nl