Naar de inhoud

ouwehoeren

veelvuldig en weinig verstandig praten

ouwehoeren is meer dan één woord

ouwehoeren

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. veelvuldig en weinig verstandig praten
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Vervoeging van ouwehoeren

ouwehoerenhele werkwoord — ouwehoerdeverleden tijd enkelvoud — ouwehoerdenverleden tijd meervoud — geouwehoerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik ouwehoer ouwehoerde
jij ouwehoert ouwehoerde
hij, zij, het ouwehoert ouwehoerde
wij ouwehoeren ouwehoerden
jullie ouwehoeren ouwehoerden
zij ouwehoeren ouwehoerden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
geouwehoerd verleden tijd, deelwoord
geouwehoerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geouwehoerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geouwehoerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geouwehoerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geouwehoerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geouwehoerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geouwehoerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geouwehoerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geouwehoerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geouwehoerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geouwehoerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geouwehoerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geouwehoerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geouwehoerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geouwehoerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geouwehoerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geouwehoerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
ouwehoer gebiedende wijs
ouwehoerde verleden tijd
ouwehoere aanvoegende wijs
ouwehoerend onvoltooid, deelwoord
te hebben geouwehoerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te ouwehoeren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen ouwehoeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal geouwehoerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geouwehoerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geouwehoerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal ouwehoeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal ouwehoeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal ouwehoeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou geouwehoerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geouwehoerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geouwehoerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou ouwehoeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou ouwehoeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou ouwehoeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geouwehoerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geouwehoerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geouwehoerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ouwehoeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden ouwehoeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden ouwehoeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geouwehoerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ouwehoeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geouwehoerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geouwehoerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geouwehoerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ouwehoeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen ouwehoeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen ouwehoeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen ouwehoeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geouwehoerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult ouwehoeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord ouwehoer

Herkomst

In de betekenis van ‘praten’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1910

Woordfamilie van ouwehoeren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geouwehoerd voltooid deelwoord ouwehoeren
ouwehoerde verleden tijd ouwehoeren
ouwehoerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon ouwehoeren
ouwehoere aanvoegende wijs ouwehoeren
ouwehoerend onvoltooid deelwoord ouwehoeren
ouwehoerende woordvorm ouwehoeren
ouwehoert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon ouwehoeren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ouwehoeren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over ouwehoeren

Wat betekent ouwehoeren?
Ouwehoeren is een werkwoord. Het woord betekent: veelvuldig en weinig verstandig praten. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je ouwehoeren?
Je vervoegt ouwehoeren als volgt: de tegenwoordige tijd is ouwehoer, de verleden tijd is ouwehoerde en het voltooid deelwoord is geouwehoerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord ouwehoeren is 21 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. U 4
  3. W 5
  4. E 1
  5. H 4
  6. O 1
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 21 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

ouwehoeren levert met Wordfeud minimaal 19 en maximaal 87 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. U 2
  3. W 5
  4. E 1
  5. H 4
  6. O 1
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 19 zonder bonus
  12. 87 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (W) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

ouwehoeren in het kort

ouwehoeren is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van ouwehoeren zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort ouwehoeren bij een woordfamilie van 7 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

ouwehoeren: veelvuldig en weinig verstandig praten
Deel ouwehoeren — standaardnederlands.nl