optreden
werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈɔptredə(n)Betekenis
- voor een publiek bepaalde handelingen verrichten, bijvoorbeeld in kunstzinnige zin
- controlerende of bestraffende maatregelen uitvoeren
- in bepaalde gevallen gebeuren
- een kunstzinnig verschijnen voor een publiek
Hoe spreek je optreden uit?
/ˈɔptredən/
Optreden bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɔ | bot |
| p | pak |
| t | tak |
| r | rood |
| e | veel |
| d | dak |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van optreden
optredenhele werkwoord — trad opverleden tijd enkelvoud — traden opverleden tijd meervoud — opgetredenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | treed op | trad op |
| jij | treedt op | traadt op |
| hij, zij, het | treedt op | trad op |
| wij | treden op | traden op |
| jullie | treden op | traden op |
| zij | treden op | traden op |
Alle 56 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| er is opgetreden | impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon, voltooid |
| er was opgetreden | impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, derde persoon, voltooid |
| er werd opgetreden | impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, eerste persoon, onvoltooid |
| er wordt opgetreden | impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon, onvoltooid |
| er zal opgetreden worden | impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, eerste persoon, onvoltooid |
| er zal opgetreden zijn | impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, derde persoon, voltooid |
| er zou opgetreden worden | impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon, onvoltooid |
| er zou opgetreden zijn | impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, derde persoon, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| hebben opgetreden | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| op te treden | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| op te zullen treden | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| op zal treden | bijzin, toekomende tijd |
| op zou treden | bijzin, voorwaardelijk |
| op zouden treden | bijzin, voorwaardelijk |
| op zoudt treden | bijzin, voorwaardelijk |
| op zullen treden | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| op zullen treden | bijzin, toekomende tijd |
| op zult treden | bijzin, toekomende tijd |
| opgetreden | verleden tijd, deelwoord |
| opgetreden te zullen hebben/zijn | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| opgetreden zullen hebben/zijn | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| optraadt | bijzin, verleden tijd |
| optrad | bijzin, verleden tijd |
| optraden | bijzin, verleden tijd |
| optredend | onvoltooid, deelwoord |
| optreed | bijzin, tegenwoordige tijd |
| optreedt | bijzin, tegenwoordige tijd |
| te hebben/zijn opgetreden | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen optreden | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| trad op | verleden tijd |
| treed op | gebiedende wijs |
| zal optreden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal optreden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal optreden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal optreden | bijzin, toekomende tijd |
| zijn opgetreden | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| zou optreden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou optreden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou optreden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou optreden | bijzin, voorwaardelijk |
| zou(dt) optreden op zou(dt) treden | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden optreden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden optreden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden optreden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden optreden | bijzin, voorwaardelijk |
| zoudt optreden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt optreden | bijzin, voorwaardelijk |
| zullen optreden | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen optreden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen optreden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen optreden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen optreden | bijzin, toekomende tijd |
| zult optreden | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult optreden | bijzin, toekomende tijd |
| zult/zal optreden op zult/zal treden | bijzin, toekomende tijd |
Herkomst
samenstelling van op bw en treden ww
Woordfamilie van optreden
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| opgetreden | voltooid deelwoord | optreden |
| optrad | subordinate-clause, verleden tijd | optreden |
| optraden | subordinate-clause, verleden tijd | optreden |
| optrede | with-subordinate-clause | optreden |
| optredens | meervoud | optreden |
| optredentje | woordvorm | optreden |
| optredentjes | meervoud | optreden |
| optreed | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | optreden |
| optreedt | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | optreden |
| trad op | verleden tijd | optreden |
| traden op | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | optreden |
| trede op | woordvorm | optreden |
| treden op | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon | optreden |
| treed op | gebiedende wijs | optreden |
| treedt op | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | optreden |
| optredes | meervoud | optrede |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van optreden zijn vastgelegd.