opslaan
werkwoord /ˈɔpslan/Betekenis
- een service uitvoeren, serveren
- opzetten, monteren
- duurder maken
- een voorraad aanleggen van
- vastleggen of bewaren van gegevens
Hoe spreek je opslaan uit?
/ˈɔpslan/
Opslaan bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɔ | bot |
| p | pak |
| s | sok |
| l | land |
| a | maan |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van opslaan
opslaanhele werkwoord — sloeg opverleden tijd enkelvoud — sloegen opverleden tijd meervoud — opgeslagenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | sla op | sloeg op |
| jij | slaat op | sloeg op |
| hij, zij, het | slaat op | sloeg op |
| wij | slaan op | sloegen op |
| jullie | slaan op | sloegen op |
| zij | slaan op | sloegen op |
Alle 146 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben opgeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent opgeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is opgeslagen | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was opgeslagen | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd opgeslagen | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt opgeslagen | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal opgeslagen worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal opgeslagen zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou opgeslagen worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou opgeslagen zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had opgeslagen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had opgeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had opgeslagen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden opgeslagen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden opgeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden opgeslagen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt opgeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb opgeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben opgeslagen | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben opgeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben opgeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben opgeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt opgeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft opgeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft opgeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is opgeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is opgeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| op te slaan | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| op te zullen slaan | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| op zal slaan | bijzin, toekomende tijd |
| op zou slaan | bijzin, voorwaardelijk |
| op zouden slaan | bijzin, voorwaardelijk |
| op zoudt slaan | bijzin, voorwaardelijk |
| op zullen slaan | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| op zullen slaan | bijzin, toekomende tijd |
| op zult slaan | bijzin, toekomende tijd |
| opgeslagen | verleden tijd, deelwoord |
| opgeslagen te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| opgeslagen te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| opgeslagen te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| opgeslagen te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| opgeslagen te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| opgeslagen worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| opgeslagen zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| opgeslagen zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| opgeslagen zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| opgeslagen zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| opsla | bijzin, tegenwoordige tijd |
| opslaand | onvoltooid, deelwoord |
| opslaat | bijzin, tegenwoordige tijd |
| opsloeg | bijzin, verleden tijd |
| opsloegen | bijzin, verleden tijd |
| opsloegt | bijzin, verleden tijd |
| sla op | gebiedende wijs |
| sloeg op | verleden tijd |
| te hebben opgeslagen | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen opslaan | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart opgeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren opgeslagen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren opgeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren opgeslagen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was opgeslagen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was opgeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was opgeslagen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd opgeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd opgeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd opgeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden opgeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden opgeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden opgeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt opgeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word opgeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden opgeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden opgeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden opgeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt opgeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt opgeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal opgeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal opgeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal opgeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal opgeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal opgeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal opgeslagen zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal opgeslagen zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal opslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal opslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal opslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal opslaan | bijzin, toekomende tijd |
| zijn opgeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn opgeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn opgeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt opgeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou opgeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou opgeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou opgeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou opgeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou opgeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou opgeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou opgeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou opgeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou opgeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou opslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou opslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou opslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou opslaan | bijzin, voorwaardelijk |
| zou(dt) opslaan op zou(dt) slaan | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden opgeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden opgeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden opgeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden opgeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden opgeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden opgeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden opgeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden opgeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden opgeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden opslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden opslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden opslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden opslaan | bijzin, voorwaardelijk |
| zoudt opgeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt opgeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt opgeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt opslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt opslaan | bijzin, voorwaardelijk |
| zullen opgeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen opgeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen opgeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen opgeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen opgeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen opgeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen opgeslagen zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen opgeslagen zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen opgeslagen zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen opslaan | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen opslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen opslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen opslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen opslaan | bijzin, toekomende tijd |
Herkomst
samenstelling van op bw en slaan ww
Woordfamilie van opslaan
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| opgeslagen | voltooid deelwoord | opslaan |
| opsla | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | opslaan |
| opslaand | onvoltooid deelwoord | opslaan |
| opslaande | woordvorm | opslaan |
| opslaat | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | opslaan |
| opsloeg | subordinate-clause, verleden tijd | opslaan |
| opsloegen | subordinate-clause, verleden tijd | opslaan |
| sla op | gebiedende wijs | opslaan |
| slaan op | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon | opslaan |
| slaat op | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | opslaan |
| sloeg op | verleden tijd | opslaan |
| sloegen op | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | opslaan |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van opslaan zijn vastgelegd.