Naar de inhoud

opeendringen

dicht op elkaar in gaan

opeendringen

werkwoord

Betekenis

  1. dicht op elkaar in gaan

Vervoeging van opeendringen

opeendringenhele werkwoord — drong opeenverleden tijd enkelvoud — drongen opeenverleden tijd meervoud — opeengedrongenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik dring opeen drong opeen
jij dringt opeen drong opeen
hij, zij, het dringt opeen drong opeen
wij dringen opeen drongen opeen
jullie dringen opeen drongen opeen
zij dringen opeen drongen opeen
Alle 75 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ben opeengedrongen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent opeengedrongen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
dring opeen gebiedende wijs
drong opeen verleden tijd
ev. gebiedende wijs
is opeengedrongen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is opeengedrongen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
opeen te dringen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
opeen te zullen dringen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
opeen zal dringen bijzin, toekomende tijd
opeen zou dringen bijzin, voorwaardelijk
opeen zouden dringen bijzin, voorwaardelijk
opeen zoudt dringen bijzin, voorwaardelijk
opeen zullen dringen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
opeen zullen dringen bijzin, toekomende tijd
opeen zult dringen bijzin, toekomende tijd
opeendring bijzin, tegenwoordige tijd
opeendringend onvoltooid, deelwoord
opeendringt bijzin, tegenwoordige tijd
opeendrong bijzin, verleden tijd
opeendrongen bijzin, verleden tijd
opeengedrongen verleden tijd, deelwoord
opeengedrongen te zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
opeengedrongen zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
te zijn opeengedrongen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen opeendringen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart opeengedrongen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren opeengedrongen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren opeengedrongen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren opeengedrongen voltooid, verleden tijd, derde persoon
was opeengedrongen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was opeengedrongen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was opeengedrongen voltooid, verleden tijd, derde persoon
zal opeendringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal opeendringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal opeendringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal opeendringen bijzin, toekomende tijd
zal opeengedrongen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal opeengedrongen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal opeengedrongen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn opeengedrongen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zijn opeengedrongen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn opeengedrongen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn opeengedrongen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt opeengedrongen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou opeendringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou opeendringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou opeendringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou opeendringen bijzin, voorwaardelijk
zou opeengedrongen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou opeengedrongen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou opeengedrongen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou(dt) opeendringen opeen zou(dt) dringen bijzin, voorwaardelijk
zouden opeendringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden opeendringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden opeendringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden opeendringen bijzin, voorwaardelijk
zouden opeengedrongen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden opeengedrongen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden opeengedrongen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt opeendringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt opeendringen bijzin, voorwaardelijk
zoudt opeengedrongen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen opeendringen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen opeendringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen opeendringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen opeendringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen opeendringen bijzin, toekomende tijd
zullen opeengedrongen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen opeengedrongen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen opeengedrongen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult opeendringen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult opeendringen bijzin, toekomende tijd
zult opeengedrongen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult/zal opeendringen opeen zult/zal dringen bijzin, toekomende tijd

Herkomst

samenstelling van opeen en dringen

Woordfamilie van opeendringen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
dring opeen gebiedende wijs opeendringen
dringe opeen woordvorm opeendringen
dringen opeen aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon opeendringen
dringt opeen aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon opeendringen
drong opeen verleden tijd opeendringen
drongen opeen aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon opeendringen
opeendring subordinate-clause, tegenwoordige tijd opeendringen
opeendringe with-subordinate-clause opeendringen
opeendringend onvoltooid deelwoord opeendringen
opeendringende woordvorm opeendringen
opeendringt subordinate-clause, tegenwoordige tijd opeendringen
opeendrong subordinate-clause, verleden tijd opeendringen
opeendrongen subordinate-clause, verleden tijd opeendringen
opeengedrongen voltooid deelwoord opeendringen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van opeendringen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over opeendringen

Wat is de betekenis van opeendringen?
Opeendringen is een werkwoord. De betekenis is: dicht op elkaar in gaan.
Hoe vervoeg ik opeendringen?
Zo vervoeg je opeendringen zo: het voltooid deelwoord is opeengedrongen. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord opeendringen is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. P 3
  3. E 1
  4. E 1
  5. N 1
  6. D 2
  7. R 2
  8. I 1
  9. N 1
  10. G 3
  11. E 1
  12. N 1
  13. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

opeendringen levert met Wordfeud minimaal 20 en maximaal 84 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. P 4
  3. E 1
  4. E 1
  5. N 1
  6. D 2
  7. R 2
  8. I 2
  9. N 1
  10. G 3
  11. E 1
  12. N 1
  13. 20 zonder bonus
  14. 84 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

opeendringen in het kort

opeendringen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van opeendringen staan er 46 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort opeendringen bij een woordfamilie van 14 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

opeendringen: dicht op elkaar in gaan
Deel opeendringen — standaardnederlands.nl