ontwikkelen
werkwoord /ɔntʋɪkələ(n)/Betekenis
- iets ~: een aanwezige aanleg tot bloei brengen; laten groeien
- zich ~ tot: geleidelijk iets worden
- een film ~: het latente beeld van een belicht fotografisch materiaal chemisch zichtbaar maken
- ontwerpen en uitvoeren op basis van onderzoek
- ontstaan
Hoe spreek je ontwikkelen uit?
/ɔntwɪkələn/
Ontwikkelen bestaat uit vier lettergrepen.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɔ | bot |
| n | nek |
| t | tak |
| w | quiz |
| ɪ | pit |
| k | kat |
| ə | de |
| l | land |
Vervoeging van ontwikkelen
ontwikkelenhele werkwoord — ontwikkeldeverleden tijd enkelvoud — ontwikkeldenverleden tijd meervoud — ontwikkeldvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | ontwikkel | ontwikkelde |
| jij | ontwikkelt | ontwikkelde |
| hij, zij, het | ontwikkelt | ontwikkelde |
| wij | ontwikkelen | ontwikkelden |
| jullie | ontwikkelen | ontwikkelden |
| zij | ontwikkelen | ontwikkelden |
Alle 160 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben ontwikkeld | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent ontwikkeld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is ontwikkeld | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was ontwikkeld | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd ontwikkeld | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt ontwikkeld | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal ontwikkeld worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal ontwikkeld zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou ontwikkeld worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou ontwikkeld zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had ontwikkeld | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had ontwikkeld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had ontwikkeld | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden ontwikkeld | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden ontwikkeld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden ontwikkeld | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt ontwikkeld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb ontwikkeld | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben ontwikkeld | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben ontwikkeld | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben ontwikkeld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben ontwikkeld | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt ontwikkeld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft ontwikkeld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft ontwikkeld | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is ontwikkeld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is ontwikkeld | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| ontwikkel | gebiedende wijs |
| ontwikkel me | eerste persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud |
| ontwikkel u/je , ontwikkelt je | gebiedende wijs |
| ontwikkeld | verleden tijd, deelwoord |
| ontwikkeld te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| ontwikkeld te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| ontwikkeld te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| ontwikkeld te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| ontwikkeld te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| ontwikkeld worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| ontwikkeld zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| ontwikkeld zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| ontwikkeld zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| ontwikkeld zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| ontwikkelde | verleden tijd |
| ontwikkelde je | tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| ontwikkelde me | eerste persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| ontwikkelde u | tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| ontwikkelde u | tweede persoon, verleden tijd, meervoud |
| ontwikkelde zich | derde persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| ontwikkelde zich/u | tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| ontwikkelde zich/u | tweede persoon, verleden tijd, meervoud |
| ontwikkelden je | tweede persoon, verleden tijd, meervoud |
| ontwikkelden ons | eerste persoon, verleden tijd, meervoud |
| ontwikkelden zich | derde persoon, verleden tijd, meervoud |
| ontwikkele | aanvoegende wijs |
| ontwikkele zich | aanvoegende wijs |
| ontwikkelen je | tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| ontwikkelen ons | eerste persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| ontwikkelen zich | derde persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| ontwikkelend | onvoltooid, deelwoord |
| ontwikkelt je | tweede persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud |
| ontwikkelt u | tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| ontwikkelt u | tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| ontwikkelt zich | derde persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud |
| ontwikkelt zich/u | tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| ontwikkelt zich/u | tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| te hebben ontwikkeld | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te ontwikkelen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen ontwikkelen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart ontwikkeld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren ontwikkeld | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren ontwikkeld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren ontwikkeld | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was ontwikkeld | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was ontwikkeld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was ontwikkeld | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd ontwikkeld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd ontwikkeld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd ontwikkeld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden ontwikkeld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden ontwikkeld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden ontwikkeld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt ontwikkeld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word ontwikkeld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden ontwikkeld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden ontwikkeld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden ontwikkeld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt ontwikkeld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt ontwikkeld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal me ontwikkelen | eerste persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| zal ontwikkeld hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal ontwikkeld hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal ontwikkeld hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal ontwikkeld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal ontwikkeld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal ontwikkeld zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal ontwikkeld zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal ontwikkelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal ontwikkelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal ontwikkelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal zich ontwikkelen | derde persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| zal, zult je ontwikkelen | tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| zich ontwikkeld hebben | verleden tijd |
| zich ontwikkelend | onvoltooid, deelwoord |
| zijn ontwikkeld | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn ontwikkeld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn ontwikkeld | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt ontwikkeld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou ontwikkeld hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou ontwikkeld hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou ontwikkeld hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou ontwikkeld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou ontwikkeld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou ontwikkeld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou ontwikkeld zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou ontwikkeld zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou ontwikkeld zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou ontwikkelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou ontwikkelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou ontwikkelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden ontwikkeld hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden ontwikkeld hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden ontwikkeld hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden ontwikkeld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden ontwikkeld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden ontwikkeld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden ontwikkeld zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden ontwikkeld zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden ontwikkeld zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden ontwikkelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden ontwikkelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden ontwikkelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt ontwikkeld hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt ontwikkeld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt ontwikkeld zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt ontwikkelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen je ontwikkelen | tweede persoon, toekomende tijd, meervoud |
| zullen ons ontwikkelen | eerste persoon, toekomende tijd, meervoud |
| zullen ontwikkeld hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen ontwikkeld hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
In de betekenis van ‘ontvouwen’ voor het eerst aangetroffen in 1679
Woordfamilie van ontwikkelen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ontwikkel | gebiedende wijs | ontwikkelen |
| ontwikkelden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | ontwikkelen |
| ontwikkele | aanvoegende wijs | ontwikkelen |
| ontwikkelend | onvoltooid deelwoord | ontwikkelen |
| ontwikkelende | woordvorm | ontwikkelen |
| ontwikkelt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | ontwikkelen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ontwikkelen zijn vastgelegd.