Naar de inhoud

onthoofden

iemand doden door het hoofd van de romp te scheiden

onthoofden

werkwoord

Betekenis

  1. iemand doden door het hoofd van de romp te scheiden

Vervoeging van onthoofden

onthoofdenhele werkwoord — onthoofddeverleden tijd enkelvoud — onthoofddenverleden tijd meervoud — onthoofdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik onthoofd onthoofdde
jij onthoofdt onthoofdde
hij, zij, het onthoofdt onthoofdde
wij onthoofden onthoofdden
jullie onthoofden onthoofdden
zij onthoofden onthoofdden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben onthoofd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent onthoofd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is onthoofd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was onthoofd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd onthoofd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt onthoofd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal onthoofd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal onthoofd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou onthoofd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou onthoofd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had onthoofd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had onthoofd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had onthoofd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden onthoofd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden onthoofd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden onthoofd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt onthoofd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb onthoofd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben onthoofd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben onthoofd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben onthoofd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben onthoofd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt onthoofd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft onthoofd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft onthoofd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is onthoofd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is onthoofd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
onthoofd gebiedende wijs
onthoofd verleden tijd, deelwoord
onthoofd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
onthoofd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
onthoofd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
onthoofd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
onthoofd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
onthoofd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
onthoofd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
onthoofd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
onthoofd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
onthoofd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
onthoofdde verleden tijd
onthoofde aanvoegende wijs
onthoofdend onvoltooid, deelwoord
te hebben onthoofd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te onthoofden actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen onthoofden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart onthoofd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren onthoofd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren onthoofd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren onthoofd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was onthoofd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was onthoofd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was onthoofd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd onthoofd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd onthoofd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd onthoofd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden onthoofd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden onthoofd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden onthoofd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt onthoofd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word onthoofd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden onthoofd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden onthoofd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden onthoofd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt onthoofd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt onthoofd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal onthoofd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal onthoofd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal onthoofd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal onthoofd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal onthoofd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal onthoofd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal onthoofd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal onthoofden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal onthoofden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal onthoofden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn onthoofd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn onthoofd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn onthoofd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt onthoofd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou onthoofd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou onthoofd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou onthoofd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou onthoofd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou onthoofd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou onthoofd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou onthoofd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou onthoofd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou onthoofd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou onthoofden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou onthoofden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou onthoofden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden onthoofd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden onthoofd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden onthoofd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden onthoofd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden onthoofd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden onthoofd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden onthoofd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden onthoofd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden onthoofd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden onthoofden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden onthoofden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden onthoofden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt onthoofd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt onthoofd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt onthoofd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt onthoofden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen onthoofd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen onthoofd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen onthoofd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen onthoofd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen onthoofd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen onthoofd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen onthoofd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen onthoofd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen onthoofd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen onthoofden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen onthoofden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen onthoofden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen onthoofden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult onthoofd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult onthoofd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult onthoofd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult onthoofden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van hoofd met het voorvoegsel ont- en met het achtervoegsel -en

Woordfamilie van onthoofden

Woordvorm Relatie Afgeleid van
onthoofd voltooid deelwoord onthoofden
onthoofdde verleden tijd onthoofden
onthoofdden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon onthoofden
onthoofdend onvoltooid deelwoord onthoofden
onthoofdende woordvorm onthoofden
onthoofdt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon onthoofden

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van onthoofden zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over onthoofden

Wat betekent onthoofden?
Onthoofden is een werkwoord. Het woord betekent: iemand doden door het hoofd van de romp te scheiden.
Hoe vervoeg je onthoofden?
Je vervoegt onthoofden als volgt: de tegenwoordige tijd is onthoofd, de verleden tijd is onthoofdde en het voltooid deelwoord is onthoofd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord onthoofden is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. N 1
  3. T 2
  4. H 4
  5. O 1
  6. O 1
  7. F 4
  8. D 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

onthoofden levert met Wordfeud minimaal 18 en maximaal 78 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. N 1
  3. T 2
  4. H 4
  5. O 1
  6. O 1
  7. F 4
  8. D 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 18 zonder bonus
  12. 78 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (H) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

onthoofden in het kort

onthoofden staat in dit woordenboek als werkwoord. Van onthoofden zijn 74 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort onthoofden bij een woordfamilie van 6 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

onthoofden: iemand doden door het hoofd van de romp te scheiden
Deel onthoofden — standaardnederlands.nl