Naar de inhoud

ontharen

beharing verwijderen

ontharen

werkwoord

Betekenis

  1. beharing verwijderen
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Vervoeging van ontharen

ontharenhele werkwoord — onthaardeverleden tijd enkelvoud — onthaardenverleden tijd meervoud — onthaardvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik onthaar onthaarde
jij onthaart onthaarde
hij, zij, het onthaart onthaarde
wij ontharen onthaarden
jullie ontharen onthaarden
zij ontharen onthaarden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben onthaard voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent onthaard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is onthaard impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was onthaard impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd onthaard impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt onthaard impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal onthaard worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal onthaard zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou onthaard worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou onthaard zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had onthaard voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had onthaard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had onthaard voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden onthaard voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden onthaard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden onthaard voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt onthaard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb onthaard voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben onthaard actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben onthaard voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben onthaard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben onthaard voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt onthaard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft onthaard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft onthaard voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is onthaard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is onthaard voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
onthaar gebiedende wijs
onthaard verleden tijd, deelwoord
onthaard te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
onthaard te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
onthaard te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
onthaard te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
onthaard te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
onthaard worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
onthaard zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
onthaard zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
onthaard zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
onthaard zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
onthaarde verleden tijd
onthare aanvoegende wijs
ontharend onvoltooid, deelwoord
te hebben onthaard actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te ontharen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen ontharen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart onthaard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren onthaard voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren onthaard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren onthaard voltooid, verleden tijd, derde persoon
was onthaard voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was onthaard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was onthaard voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd onthaard enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd onthaard enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd onthaard enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden onthaard enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden onthaard enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden onthaard enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt onthaard enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word onthaard enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden onthaard enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden onthaard enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden onthaard enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt onthaard enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt onthaard enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal onthaard hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal onthaard hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal onthaard hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal onthaard worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal onthaard worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal onthaard zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal onthaard zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal ontharen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal ontharen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal ontharen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn onthaard voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn onthaard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn onthaard voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt onthaard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou onthaard hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou onthaard hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou onthaard hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou onthaard worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou onthaard worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou onthaard worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou onthaard zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou onthaard zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou onthaard zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou ontharen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou ontharen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou ontharen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden onthaard hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden onthaard hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden onthaard hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden onthaard worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden onthaard worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden onthaard worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden onthaard zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden onthaard zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden onthaard zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ontharen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden ontharen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden ontharen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt onthaard hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt onthaard worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt onthaard zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ontharen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen onthaard hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen onthaard hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen onthaard hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen onthaard worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen onthaard worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen onthaard worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen onthaard zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen onthaard zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen onthaard zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ontharen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen ontharen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen ontharen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen ontharen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult onthaard hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult onthaard worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult onthaard zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult ontharen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van haar met het voorvoegsel ont-

Woordfamilie van ontharen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
onthaar gebiedende wijs ontharen
onthaard voltooid deelwoord ontharen
onthaarde verleden tijd ontharen
onthaarden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon ontharen
onthaart aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon ontharen
onthare aanvoegende wijs ontharen
ontharend onvoltooid deelwoord ontharen
ontharende woordvorm ontharen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ontharen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over ontharen

Wat is de betekenis van ontharen?
Ontharen is een werkwoord. De betekenis is: beharing verwijderen. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik ontharen?
Zo vervoeg je ontharen zo: de tegenwoordige tijd is onthaar, de verleden tijd is onthaarde en het voltooid deelwoord is onthaard. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord ontharen is 13 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. N 1
  3. T 2
  4. H 4
  5. A 1
  6. R 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 13 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

ontharen levert met Wordfeud minimaal 13 en maximaal 63 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. N 1
  3. T 2
  4. H 4
  5. A 1
  6. R 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 13 zonder bonus
  10. 63 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (H) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

ontharen in het kort

ontharen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van ontharen staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort ontharen bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

ontharen: beharing verwijderen
Deel ontharen — standaardnederlands.nl