onderkoelen
werkwoordBetekenis
- tot beneden het smeltpunt afkoelen
Vervoeging van onderkoelen
onderkoelenhele werkwoord — onderkoeldeverleden tijd enkelvoud — onderkoeldenverleden tijd meervoud — onderkoeldvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | onderkoel | onderkoelde |
| jij | onderkoelt | onderkoelde |
| hij, zij, het | onderkoelt | onderkoelde |
| wij | onderkoelen | onderkoelden |
| jullie | onderkoelen | onderkoelden |
| zij | onderkoelen | onderkoelden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben onderkoeld | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent onderkoeld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is onderkoeld | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was onderkoeld | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd onderkoeld | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt onderkoeld | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal onderkoeld worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal onderkoeld zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou onderkoeld worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou onderkoeld zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had onderkoeld | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had onderkoeld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had onderkoeld | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden onderkoeld | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden onderkoeld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden onderkoeld | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt onderkoeld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb onderkoeld | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben onderkoeld | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben onderkoeld | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben onderkoeld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben onderkoeld | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt onderkoeld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft onderkoeld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft onderkoeld | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is onderkoeld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is onderkoeld | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| onderkoel | gebiedende wijs |
| onderkoeld | verleden tijd, deelwoord |
| onderkoeld te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| onderkoeld te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| onderkoeld te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| onderkoeld te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| onderkoeld te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| onderkoeld worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| onderkoeld zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| onderkoeld zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| onderkoeld zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| onderkoeld zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| onderkoelde | verleden tijd |
| onderkoele | aanvoegende wijs |
| onderkoelend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben onderkoeld | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te onderkoelen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen onderkoelen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart onderkoeld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren onderkoeld | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren onderkoeld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren onderkoeld | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was onderkoeld | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was onderkoeld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was onderkoeld | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd onderkoeld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd onderkoeld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd onderkoeld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden onderkoeld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden onderkoeld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden onderkoeld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt onderkoeld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word onderkoeld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden onderkoeld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden onderkoeld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden onderkoeld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt onderkoeld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt onderkoeld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal onderkoeld hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal onderkoeld hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal onderkoeld hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal onderkoeld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal onderkoeld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal onderkoeld zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal onderkoeld zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal onderkoelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal onderkoelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal onderkoelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn onderkoeld | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn onderkoeld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn onderkoeld | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt onderkoeld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou onderkoeld hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou onderkoeld hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou onderkoeld hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou onderkoeld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou onderkoeld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou onderkoeld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou onderkoeld zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou onderkoeld zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou onderkoeld zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou onderkoelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou onderkoelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou onderkoelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden onderkoeld hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden onderkoeld hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden onderkoeld hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden onderkoeld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden onderkoeld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden onderkoeld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden onderkoeld zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden onderkoeld zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden onderkoeld zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden onderkoelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden onderkoelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden onderkoelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt onderkoeld hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt onderkoeld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt onderkoeld zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt onderkoelen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen onderkoeld hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen onderkoeld hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen onderkoeld hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen onderkoeld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen onderkoeld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen onderkoeld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen onderkoeld zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen onderkoeld zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen onderkoeld zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen onderkoelen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen onderkoelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen onderkoelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen onderkoelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult onderkoeld hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult onderkoeld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult onderkoeld zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult onderkoelen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
samenstelling van onder bw en koelen ww
Woordfamilie van onderkoelen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| onderkoel | gebiedende wijs | onderkoelen |
| onderkoelden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | onderkoelen |
| onderkoele | aanvoegende wijs | onderkoelen |
| onderkoelend | onvoltooid deelwoord | onderkoelen |
| onderkoelende | woordvorm | onderkoelen |
| onderkoelt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | onderkoelen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van onderkoelen zijn vastgelegd.