omschakelaar
zelfstandig naamwoordBetekenis
- schakelaar om iets om te schakelen
- toestel om iets om te schakelen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| omschakelaars | meervoud |
| omschakelaartje | verkleinwoord, enkelvoud |
| omschakelaartjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van omschakelen met het achtervoegsel -aar
Woordfamilie van omschakelaar
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| omschakelaars | meervoud | omschakelaar |
| omschakelaartje | verkleinwoord | omschakelaar |
| omschakelaartjes | verkleinwoord meervoud | omschakelaar |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van omschakelaar zijn vastgelegd.