navolgen
werkwoordBetekenis
- achter iemand aan gaan
- het voorbeeld van iemand volgen
- een regel of voorschrift nauwkeurig in de praktijk brengen
Vervoeging van navolgen
navolgenhele werkwoord — volgde naverleden tijd enkelvoud — volgden naverleden tijd meervoud — nagevolgdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | volg na | volgde na |
| jij | volgt na | volgde na |
| hij, zij, het | volgt na | volgde na |
| wij | volgen na | volgden na |
| jullie | volgen na | volgden na |
| zij | volgen na | volgden na |
Alle 118 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief, voltooid |
| ben nagevolgd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent nagevolgd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is nagevolgd | impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon, voltooid |
| er was nagevolgd | impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, derde persoon, voltooid |
| er werd nagevolgd | impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, eerste persoon, onvoltooid |
| er wordt nagevolgd | impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon, onvoltooid |
| er zal nagevolgd worden | impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, eerste persoon, onvoltooid |
| er zal nagevolgd zijn | impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, derde persoon, voltooid |
| er zou nagevolgd worden | impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon, onvoltooid |
| er zou nagevolgd zijn | impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, derde persoon, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| hebben nagevolgd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| is nagevolgd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is nagevolgd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| na te volgen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| na te zullen volgen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| na zal volgen | bijzin, toekomende tijd |
| na zou volgen | bijzin, voorwaardelijk |
| na zouden volgen | bijzin, voorwaardelijk |
| na zoudt volgen | bijzin, voorwaardelijk |
| na zullen volgen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| na zullen volgen | bijzin, toekomende tijd |
| na zult volgen | bijzin, toekomende tijd |
| nagevolgd | verleden tijd, deelwoord |
| nagevolgd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| nagevolgd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| nagevolgd te zullen hebben/zijn | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| nagevolgd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| nagevolgd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| nagevolgd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| nagevolgd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| nagevolgd zullen hebben/zijn | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| nagevolgd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| nagevolgd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| navolg | bijzin, tegenwoordige tijd |
| navolgde | bijzin, verleden tijd |
| navolgden | bijzin, verleden tijd |
| navolgend | onvoltooid, deelwoord |
| navolgt | bijzin, tegenwoordige tijd |
| te hebben/zijn nagevolgd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen navolgen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| volg na | gebiedende wijs |
| volgde na | verleden tijd |
| waart nagevolgd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren nagevolgd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren nagevolgd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren nagevolgd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was nagevolgd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was nagevolgd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was nagevolgd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd nagevolgd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd nagevolgd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd nagevolgd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden nagevolgd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden nagevolgd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden nagevolgd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt nagevolgd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word nagevolgd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden nagevolgd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden nagevolgd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden nagevolgd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt nagevolgd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt nagevolgd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal nagevolgd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal nagevolgd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal nagevolgd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal nagevolgd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal navolgen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal navolgen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal navolgen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal navolgen | bijzin, toekomende tijd |
| zijn nagevolgd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| zijn nagevolgd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn nagevolgd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn nagevolgd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt nagevolgd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou nagevolgd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou nagevolgd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou nagevolgd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou nagevolgd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou nagevolgd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou nagevolgd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou navolgen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou navolgen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou navolgen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou navolgen | bijzin, voorwaardelijk |
| zou(dt) navolgen na zou(dt) volgen | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden nagevolgd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden nagevolgd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden nagevolgd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden nagevolgd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden nagevolgd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden nagevolgd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden navolgen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden navolgen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden navolgen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden navolgen | bijzin, voorwaardelijk |
| zoudt nagevolgd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt nagevolgd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt navolgen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt navolgen | bijzin, voorwaardelijk |
| zullen nagevolgd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen nagevolgd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen nagevolgd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen nagevolgd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen nagevolgd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen nagevolgd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen navolgen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen navolgen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen navolgen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen navolgen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen navolgen | bijzin, toekomende tijd |
| zult nagevolgd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult nagevolgd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult navolgen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult navolgen | bijzin, toekomende tijd |
| zult/zal navolgen na zult/zal volgen | bijzin, toekomende tijd |
Herkomst
samenstelling van na bw en volgen ww
Woordfamilie van navolgen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| nagevolgd | voltooid deelwoord | navolgen |
| nagevolgde | woordvorm | navolgen |
| navolg | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | navolgen |
| navolgde | subordinate-clause, verleden tijd | navolgen |
| navolgden | subordinate-clause, verleden tijd | navolgen |
| navolge | with-subordinate-clause | navolgen |
| navolgt | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | navolgen |
| volg na | gebiedende wijs | navolgen |
| volgde na | verleden tijd | navolgen |
| volgden na | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | navolgen |
| volge na | woordvorm | navolgen |
| volgen na | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon | navolgen |
| volgt na | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | navolgen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van navolgen zijn vastgelegd.