nakomer
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand die de opvolger van iemand is, de volgende geslachten in de familie, afstammeling
- een kind dat geboren is op een moment dat de ouders niet meer dachten dat er nog kinderen zouden komen en een stuk jonger is dan de andere kinderen
- te laat ontploffende springlading
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| nakomers | meervoud |
| nakomertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| nakomertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van nakomen met het achtervoegsel -er
Woordfamilie van nakomer
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| nakomers | meervoud | nakomer |
| nakomertje | verkleinwoord | nakomer |
| nakomertjes | verkleinwoord meervoud | nakomer |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van nakomer zijn vastgelegd.