Naar de inhoud

misstappen

verkeerd stappen

misstappen is meer dan één woord

misstappen

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. verkeerd stappen

Vervoeging van misstappen

misstappenhele werkwoord — stapte misverleden tijd enkelvoud — stapten misverleden tijd meervoud — misgestaptvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik stap mis stapte mis
jij stapt mis stapte mis
hij, zij, het stapt mis stapte mis
wij stappen mis stapten mis
jullie stappen mis stapten mis
zij stappen mis stapten mis
Alle 74 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
had misgestapt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had misgestapt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had misgestapt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden misgestapt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden misgestapt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden misgestapt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt misgestapt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb misgestapt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben misgestapt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben misgestapt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben misgestapt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben misgestapt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt misgestapt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft misgestapt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft misgestapt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
mis te stappen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
mis te zullen stappen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
mis zal stappen bijzin, toekomende tijd
mis zou stappen bijzin, voorwaardelijk
mis zouden stappen bijzin, voorwaardelijk
mis zoudt stappen bijzin, voorwaardelijk
mis zullen stappen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
mis zullen stappen bijzin, toekomende tijd
mis zult stappen bijzin, toekomende tijd
misgestapt verleden tijd, deelwoord
misgestapt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
misgestapt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
misstap bijzin, tegenwoordige tijd
misstappend onvoltooid, deelwoord
misstapt bijzin, tegenwoordige tijd
misstapte bijzin, verleden tijd
misstapten bijzin, verleden tijd
stap mis gebiedende wijs
stapte mis verleden tijd
te hebben misgestapt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen misstappen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal misgestapt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal misgestapt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal misgestapt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal misstappen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal misstappen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal misstappen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal misstappen bijzin, toekomende tijd
zou misgestapt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou misgestapt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou misgestapt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou misstappen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou misstappen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou misstappen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou misstappen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) misstappen mis zou(dt) stappen bijzin, voorwaardelijk
zouden misgestapt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden misgestapt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden misgestapt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden misstappen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden misstappen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden misstappen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden misstappen bijzin, voorwaardelijk
zoudt misgestapt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt misstappen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt misstappen bijzin, voorwaardelijk
zullen misgestapt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen misgestapt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen misgestapt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen misstappen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen misstappen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen misstappen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen misstappen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen misstappen bijzin, toekomende tijd
zult misgestapt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult misstappen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult misstappen bijzin, toekomende tijd
zult/zal misstappen mis zult/zal stappen bijzin, toekomende tijd

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord misstap

Herkomst

samenstelling van mis en stappen

Woordfamilie van misstappen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
misgestapt voltooid deelwoord misstappen
misstappe with-subordinate-clause misstappen
misstappend onvoltooid deelwoord misstappen
misstappende woordvorm misstappen
misstapt subordinate-clause, tegenwoordige tijd misstappen
misstapte subordinate-clause, verleden tijd misstappen
misstapten subordinate-clause, verleden tijd misstappen
stap mis gebiedende wijs misstappen
stappe mis woordvorm misstappen
stappen mis aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon misstappen
stapt mis aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon misstappen
stapte mis verleden tijd misstappen
stapten mis aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon misstappen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van misstappen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over misstappen

Wat is de betekenis van misstappen?
Misstappen is een werkwoord. De betekenis is: verkeerd stappen.
Hoe vervoeg ik misstappen?
Zo vervoeg je misstappen zo: het voltooid deelwoord is misgestapt. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord misstappen is 19 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. M 3
  2. I 1
  3. S 2
  4. S 2
  5. T 2
  6. A 1
  7. P 3
  8. P 3
  9. E 1
  10. N 1
  11. 19 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

misstappen levert met Wordfeud minimaal 22 en maximaal 90 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. M 3
  2. I 2
  3. S 2
  4. S 2
  5. T 2
  6. A 1
  7. P 4
  8. P 4
  9. E 1
  10. N 1
  11. 22 zonder bonus
  12. 90 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

misstappen in het kort

misstappen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Van misstappen staan er 45 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort misstappen bij een woordfamilie van 13 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

misstappen: verkeerd stappen
Deel misstappen — standaardnederlands.nl