misdrijf
zelfstandig naamwoord, werkwoord ˈmɪzdrɛifBetekenis
- een misdaad of delict
Hoe spreek je misdrijf uit?
/ˈmɪzdrɛif/
Misdrijf bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| ɪ | pit |
| z | zon |
| d | dak |
| r | rood |
| ɛi | trein |
| f | fiets |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| misdrijfje | verkleinwoord, enkelvoud |
| misdrijfjes | verkleinwoord, meervoud |
| misdrijven | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van misdrijven
- gebiedende wijs van misdrijven
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van misdrijven
Vervoeging van misdrijf
misdrijfhele werkwoord
Herkomst
In de betekenis van ‘strafbaar feit’ voor het eerst aangetroffen in 1626
Woordfamilie van misdrijf
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| misdrijfje | verkleinwoord | misdrijf |
| misdrijfjes | verkleinwoord meervoud | misdrijf |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van misdrijf zijn vastgelegd.