masseren
werkwoordBetekenis
- het toepassen van uitwendige druk op de zachte weefsels
Vervoeging van masseren
masserenhele werkwoord — masseerdeverleden tijd enkelvoud — masseerdenverleden tijd meervoud — gemasseerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | masseer | masseerde |
| jij | masseert | masseerde |
| hij, zij, het | masseert | masseerde |
| wij | masseren | masseerden |
| jullie | masseren | masseerden |
| zij | masseren | masseerden |
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| er is gemasseerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gemasseerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gemasseerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gemasseerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gemasseerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gemasseerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gemasseerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gemasseerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gemasseerd | verleden tijd, deelwoord |
| gemasseerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gemasseerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gemasseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gemasseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gemasseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gemasseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gemasseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gemasseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gemasseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gemasseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gemasseerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gemasseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gemasseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gemasseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gemasseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gemasseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gemasseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| masseer | gebiedende wijs |
| masseerde | verleden tijd |
| massere | aanvoegende wijs |
| masserend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben gemasseerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te masseren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen masseren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| zal gemasseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gemasseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gemasseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal masseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal masseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal masseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zou gemasseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gemasseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gemasseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou masseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou masseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou masseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gemasseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gemasseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gemasseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden masseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden masseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden masseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gemasseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt masseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gemasseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gemasseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gemasseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen masseren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen masseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen masseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen masseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gemasseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult masseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘kneden, wrijven om de bloedsomloop te bevorderen’ voor het eerst aangetroffen in 1847
Woordfamilie van masseren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gemasseerd | voltooid deelwoord | masseren |
| gemasseerde | woordvorm | masseren |
| masseer | gebiedende wijs | masseren |
| masseerde | verleden tijd | masseren |
| masseerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | masseren |
| masseert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | masseren |
| massere | aanvoegende wijs | masseren |
| masserend | onvoltooid deelwoord | masseren |
| masserende | woordvorm | masseren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van masseren zijn vastgelegd.