marquise
zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoord mɑrˈkizəBetekenis
- luifel die beschermt tegen de zon
Hoe spreek je marquise uit?
/mɑrˈkizə/
Marquise bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| ɑ | bad |
| r | rood |
| k | kat |
| i | riet |
| z | zon |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord
- echtgenote van een markies (in een franstalige omgeving)
- uitklapbaar zonnescherm boven een raam obsolete
- afdak boven een buitendeur, als bescherming tegen zon en regen bij het in- en uitstappen van een rijtuig; ook gebruikt als benaming voor vergelijkbare open constructies die tegen zon of regen beschermen obsolete
- hoge tent met een puntdak waarin je kan lopen, qua vorm vergelijkbaar met een partytent; vaak open als afdak voor de ingang van een lagere, meer gesloten tent, waarin een officier kan rusten historical
- briljant die van boven gezien niet rond is, maar ellipsvormig uitgerekt eindigt in twee punten
- ring met een edelsteen die is geslepen in de vorm van een ellips die eindigt in twee punten
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| marquises | meervoud |
bijvoeglijk naamwoord
- ellipsvormig in twee spitse punten uitlopend
Herkomst
van Frans marquise
Woordfamilie van marquise
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| marquises | meervoud | marquise |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van marquise zijn vastgelegd.