remise
zelfstandig naamwoord rə'miːzəBetekenis
- bij spelen zoals dammen en schaken: een onbeslist einde van de partij
- bergplaats voor voertuigen zoals trams
Hoe spreek je remise uit?
/rəˈmizə/
Remise bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| ə | de |
| m | maan |
| i | riet |
| z | zon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord
- bergplaats voor openbare voertuigen zoals trams
- overboeking, overmaking
- uitstel
- versterkte bergruimte in een vestingwerk
- koetshuis
- bosje kreupelhout
- houw of steek die bij het schermen onmiddellijk volgt op een aanvallende houw of steek
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| remises | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘stalling voor voertuig’ voor het eerst aangetroffen in 1771. De specifieke betekenis "gelijkspel" is een verkorting van het Franse partie remise.
Woordfamilie van remise
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| remises | meervoud | remise |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van remise zijn vastgelegd.