major
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de oudere (achter namen om verschillende mensen met dezelfde naam uit elkaar te houden)
- hoofdvak waarin iemand afstudeert
- bedrijf dat door zijn omvang binnen een bedrijfstak toonaangevend is
zelfstandig naamwoord — masculine
- de oudere
- hoofdterm, major-term
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| majors | meervoud |
Herkomst
[1] van Latijn maior "groter, ouder"
Woordfamilie van major
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| majoren | meervoud | major |
| majors | meervoud | major |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van major zijn vastgelegd.