majoraat
zelfstandig naamwoordBetekenis
- Erfverdeling waarbij het te erven goed (zoals de titel 'koning') in zijn geheel ('onverdeeld') overgaat op de oudste zoon.
zelfstandig naamwoord — neuter
- Erfverdeling waarbij het te erven goed (zoals de titel "koning") in zijn geheel ('onverdeeld') overgaat op de oudste zoon.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| majoraten | meervoud |
Herkomst
afgeleid van majeur met het achtervoegsel -aat
Woordfamilie van majoraat
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| majoraten | meervoud | majoraat |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van majoraat zijn vastgelegd.