lichten
werkwoord, zelfstandig naamwoordBetekenis
- beginnen licht te worden
- bliksemen
- uit liggende positie opnemen, ophijsen, opheffen
- leegmaken, lossen
- bergen van een gezonken schip
Vervoeging van lichten
lichtenhele werkwoord — lichtteverleden tijd enkelvoud — lichttenverleden tijd meervoud — gelichtvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | licht | lichtte |
| jij | licht | lichtte |
| hij, zij, het | licht | lichtte |
| wij | lichten | lichtten |
| jullie | lichten | lichtten |
| zij | lichten | lichtten |
Alle 129 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gelicht | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gelicht | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gelicht | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gelicht | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gelicht | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gelicht | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gelicht worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gelicht zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gelicht worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gelicht zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gelicht | verleden tijd, deelwoord |
| gelicht te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gelicht te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gelicht te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gelicht te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gelicht te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gelicht worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gelicht zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gelicht zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gelicht zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gelicht zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gelicht | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gelicht | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gelicht | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gelicht | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gelicht | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gelicht | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gelicht | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gelicht | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gelicht | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gelicht | verleden tijd, deelwoord |
| hebben gelicht | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gelicht | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gelicht | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gelicht | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gelicht | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gelicht | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gelicht | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gelicht | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| licht | gebiedende wijs |
| licht | tegenwoordige tijd |
| lichte | aanvoegende wijs |
| lichtend | onvoltooid, deelwoord |
| lichtte | verleden tijd |
| te hebben gelicht | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te lichten | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen lichten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gelicht | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gelicht | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gelicht | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gelicht | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gelicht | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gelicht | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gelicht | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gelicht | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gelicht | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gelicht | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gelicht | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gelicht | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gelicht | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gelicht | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gelicht | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gelicht | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gelicht | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gelicht | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gelicht | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gelicht | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal gelicht hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gelicht hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gelicht hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gelicht worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gelicht worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gelicht zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gelicht zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal lichten | toekomende tijd |
| zal lichten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal lichten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal lichten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn gelicht | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gelicht | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gelicht | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gelicht | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou gelicht hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gelicht hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gelicht hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gelicht worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gelicht worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gelicht worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gelicht zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gelicht zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gelicht zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou lichten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou lichten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou lichten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gelicht hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gelicht hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gelicht hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gelicht worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gelicht worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gelicht worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gelicht zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gelicht zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gelicht zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden lichten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden lichten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden lichten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gelicht hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gelicht worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gelicht zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt lichten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gelicht hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gelicht hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gelicht hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gelicht worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gelicht worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gelicht worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gelicht zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gelicht zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gelicht zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen lichten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen lichten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen lichten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen lichten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gelicht hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gelicht worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gelicht zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult lichten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord licht
Herkomst
In de betekenis van ‘optillen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1236
Woordfamilie van lichten
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gelicht | voltooid deelwoord | lichten |
| gelichte | woordvorm | lichten |
| lichtte | verleden tijd | lichten |
| lichtten | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | lichten |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van lichten zijn vastgelegd.