Naar de inhoud

legateren

nalaten, bij testament toewijzen

legateren

werkwoord

Betekenis

  1. nalaten, bij testament toewijzen
  2. tweede betekenisomschrijving.
  3. enz.

Vervoeging van legateren

legaterenhele werkwoord — legateerdeverleden tijd enkelvoud — legateerdenverleden tijd meervoud — gelegateerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik legateer legateerde
jij legateert legateerde
hij, zij, het legateert legateerde
wij legateren legateerden
jullie legateren legateerden
zij legateren legateerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gelegateerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gelegateerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gelegateerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gelegateerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gelegateerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gelegateerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gelegateerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gelegateerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gelegateerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gelegateerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gelegateerd verleden tijd, deelwoord
gelegateerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gelegateerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gelegateerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gelegateerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gelegateerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gelegateerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gelegateerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gelegateerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gelegateerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gelegateerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gelegateerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gelegateerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gelegateerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gelegateerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gelegateerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gelegateerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gelegateerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gelegateerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gelegateerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gelegateerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gelegateerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gelegateerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gelegateerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gelegateerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gelegateerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gelegateerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gelegateerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
legateer gebiedende wijs
legateerde verleden tijd
legatere aanvoegende wijs
legaterend onvoltooid, deelwoord
te hebben gelegateerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te legateren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen legateren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gelegateerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gelegateerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gelegateerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gelegateerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gelegateerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gelegateerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gelegateerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gelegateerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gelegateerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gelegateerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gelegateerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gelegateerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gelegateerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gelegateerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gelegateerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gelegateerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gelegateerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gelegateerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gelegateerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gelegateerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gelegateerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gelegateerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gelegateerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gelegateerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gelegateerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gelegateerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gelegateerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal legateren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal legateren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal legateren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gelegateerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gelegateerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gelegateerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gelegateerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gelegateerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gelegateerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gelegateerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gelegateerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gelegateerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gelegateerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gelegateerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gelegateerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gelegateerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou legateren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou legateren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou legateren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gelegateerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gelegateerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gelegateerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gelegateerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gelegateerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gelegateerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gelegateerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gelegateerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gelegateerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden legateren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden legateren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden legateren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gelegateerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gelegateerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gelegateerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt legateren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gelegateerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gelegateerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gelegateerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gelegateerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gelegateerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gelegateerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gelegateerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gelegateerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gelegateerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen legateren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen legateren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen legateren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen legateren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gelegateerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gelegateerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gelegateerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult legateren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordfamilie van legateren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gelegateerd voltooid deelwoord legateren
gelegateerde woordvorm legateren
legateer gebiedende wijs legateren
legateerde verleden tijd legateren
legateerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon legateren
legateert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon legateren
legatere aanvoegende wijs legateren
legaterend onvoltooid deelwoord legateren
legaterende woordvorm legateren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van legateren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over legateren

Wat betekent legateren?
Legateren is een werkwoord. Het woord betekent: nalaten, bij testament toewijzen. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je legateren?
Je vervoegt legateren als volgt: de tegenwoordige tijd is legateer, de verleden tijd is legateerde en het voltooid deelwoord is gelegateerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord legateren is 15 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. L 3
  2. E 1
  3. G 3
  4. A 1
  5. T 2
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 15 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

legateren levert met Wordfeud minimaal 15 en maximaal 63 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. L 3
  2. E 1
  3. G 3
  4. A 1
  5. T 2
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 15 zonder bonus
  11. 63 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (L) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

legateren in het kort

legateren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van legateren zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort legateren bij een woordfamilie van 9 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

legateren: nalaten, bij testament toewijzen
Deel legateren — standaardnederlands.nl