Naar de inhoud

leegplunderen

plunderen tot er in de plaats niets meer te plunderen valt

leegplunderen

werkwoord

Betekenis

  1. plunderen tot er in de plaats niets meer te plunderen valt
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Vervoeging van leegplunderen

leegplunderenhele werkwoord — plunderde leegverleden tijd enkelvoud — plunderden leegverleden tijd meervoud — leeggeplunderdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik plunder leeg plunderde leeg
jij plundert leeg plunderde leeg
hij, zij, het plundert leeg plunderde leeg
wij plunderen leeg plunderden leeg
jullie plunderen leeg plunderden leeg
zij plunderen leeg plunderden leeg
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben leeggeplunderd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent leeggeplunderd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is leeggeplunderd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was leeggeplunderd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd leeggeplunderd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt leeggeplunderd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal leeggeplunderd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal leeggeplunderd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou leeggeplunderd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou leeggeplunderd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had leeggeplunderd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had leeggeplunderd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had leeggeplunderd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden leeggeplunderd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden leeggeplunderd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden leeggeplunderd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt leeggeplunderd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb leeggeplunderd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben leeggeplunderd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben leeggeplunderd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben leeggeplunderd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben leeggeplunderd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt leeggeplunderd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft leeggeplunderd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft leeggeplunderd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is leeggeplunderd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is leeggeplunderd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
leeg te plunderen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
leeg te zullen plunderen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
leeg zal plunderen bijzin, toekomende tijd
leeg zou plunderen bijzin, voorwaardelijk
leeg zouden plunderen bijzin, voorwaardelijk
leeg zoudt plunderen bijzin, voorwaardelijk
leeg zullen plunderen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
leeg zullen plunderen bijzin, toekomende tijd
leeg zult plunderen bijzin, toekomende tijd
leeggeplunderd verleden tijd, deelwoord
leeggeplunderd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
leeggeplunderd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
leeggeplunderd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
leeggeplunderd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
leeggeplunderd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
leeggeplunderd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
leeggeplunderd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
leeggeplunderd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
leeggeplunderd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
leeggeplunderd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
leegplunder bijzin, tegenwoordige tijd
leegplunderde bijzin, verleden tijd
leegplunderden bijzin, verleden tijd
leegplunderend onvoltooid, deelwoord
leegplundert bijzin, tegenwoordige tijd
plunder leeg gebiedende wijs
plunderde leeg verleden tijd
te hebben leeggeplunderd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen leegplunderen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart leeggeplunderd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren leeggeplunderd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren leeggeplunderd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren leeggeplunderd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was leeggeplunderd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was leeggeplunderd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was leeggeplunderd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd leeggeplunderd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd leeggeplunderd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd leeggeplunderd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden leeggeplunderd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden leeggeplunderd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden leeggeplunderd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt leeggeplunderd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word leeggeplunderd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden leeggeplunderd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden leeggeplunderd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden leeggeplunderd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt leeggeplunderd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt leeggeplunderd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal leeggeplunderd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal leeggeplunderd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal leeggeplunderd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal leeggeplunderd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal leeggeplunderd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal leeggeplunderd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal leeggeplunderd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal leegplunderen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal leegplunderen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal leegplunderen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal leegplunderen bijzin, toekomende tijd
zijn leeggeplunderd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn leeggeplunderd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn leeggeplunderd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt leeggeplunderd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou leeggeplunderd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou leeggeplunderd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou leeggeplunderd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou leeggeplunderd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou leeggeplunderd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou leeggeplunderd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou leeggeplunderd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou leeggeplunderd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou leeggeplunderd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou leegplunderen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou leegplunderen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou leegplunderen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou leegplunderen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) leegplunderen leeg zou(dt) plunderen bijzin, voorwaardelijk
zouden leeggeplunderd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden leeggeplunderd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden leeggeplunderd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden leeggeplunderd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden leeggeplunderd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden leeggeplunderd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden leeggeplunderd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden leeggeplunderd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden leeggeplunderd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden leegplunderen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden leegplunderen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden leegplunderen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden leegplunderen bijzin, voorwaardelijk
zoudt leeggeplunderd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt leeggeplunderd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt leeggeplunderd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt leegplunderen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt leegplunderen bijzin, voorwaardelijk
zullen leeggeplunderd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen leeggeplunderd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen leeggeplunderd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen leeggeplunderd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen leeggeplunderd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen leeggeplunderd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen leeggeplunderd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen leeggeplunderd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen leeggeplunderd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen leegplunderen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen leegplunderen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen leegplunderen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen leegplunderen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen leegplunderen bijzin, toekomende tijd
zult leeggeplunderd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van leeg en plunderen

Woordfamilie van leegplunderen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
leeggeplunderd voltooid deelwoord leegplunderen
leeggeplunderde woordvorm leegplunderen
leegplunder subordinate-clause, tegenwoordige tijd leegplunderen
leegplunderde subordinate-clause, verleden tijd leegplunderen
leegplunderden subordinate-clause, verleden tijd leegplunderen
leegplundere with-subordinate-clause leegplunderen
leegplunderend onvoltooid deelwoord leegplunderen
leegplunderende woordvorm leegplunderen
leegplundert subordinate-clause, tegenwoordige tijd leegplunderen
plunder leeg gebiedende wijs leegplunderen
plunderde leeg verleden tijd leegplunderen
plunderden leeg aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon leegplunderen
plundere leeg woordvorm leegplunderen
plunderen leeg aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon leegplunderen
plundert leeg aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon leegplunderen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van leegplunderen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over leegplunderen

Wat betekent leegplunderen?
Leegplunderen is een werkwoord. Het woord betekent: plunderen tot er in de plaats niets meer te plunderen valt. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je leegplunderen?
Je vervoegt leegplunderen als volgt: het voltooid deelwoord is leeggeplunderd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord leegplunderen is 26 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. L 3
  2. E 1
  3. E 1
  4. G 3
  5. P 3
  6. L 3
  7. U 4
  8. N 1
  9. D 2
  10. E 1
  11. R 2
  12. E 1
  13. N 1
  14. 26 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

leegplunderen levert met Wordfeud minimaal 25 en maximaal 99 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. L 3
  2. E 1
  3. E 1
  4. G 3
  5. P 4
  6. L 3
  7. U 2
  8. N 1
  9. D 2
  10. E 1
  11. R 2
  12. E 1
  13. N 1
  14. 25 zonder bonus
  15. 99 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

leegplunderen in het kort

leegplunderen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van leegplunderen zijn 88 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort leegplunderen bij een woordfamilie van 15 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

leegplunderen: plunderen tot er in de plaats niets meer te plunderen valt
Deel leegplunderen — standaardnederlands.nl