Naar de inhoud

lebberen

(min of meer hoorbaar) met kleine teugjes drinken

lebberen

werkwoord ˈlɛbərə(n)

Betekenis

  1. (min of meer hoorbaar) met kleine teugjes drinken

Hoe spreek je lebberen uit?

/ˈlɛbərən/

Lebberen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈlɛbərən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
l land
ɛ bed
b bak
ə de
r rood
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. met kleine teugjes drinken intransitive
  2. zoenen (eigenlijke betekenis): kleverig, slijmerig worden

Vervoeging van lebberen

lebberenhele werkwoord — lebberdeverleden tijd enkelvoud — lebberdenverleden tijd meervoud — gelebberdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik lebber lebberde
jij lebbert lebberde
hij, zij, het lebbert lebberde
wij lebberen lebberden
jullie lebberen lebberden
zij lebberen lebberden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gelebberd verleden tijd, deelwoord
gelebberd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gelebberd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gelebberd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gelebberd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gelebberd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gelebberd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gelebberd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gelebberd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gelebberd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gelebberd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gelebberd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gelebberd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gelebberd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gelebberd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gelebberd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gelebberd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gelebberd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
lebber gebiedende wijs
lebberde verleden tijd
lebbere aanvoegende wijs
lebberend onvoltooid, deelwoord
te hebben gelebberd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te lebberen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen lebberen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gelebberd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gelebberd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gelebberd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal lebberen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal lebberen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal lebberen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gelebberd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gelebberd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gelebberd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou lebberen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou lebberen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou lebberen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gelebberd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gelebberd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gelebberd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden lebberen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden lebberen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden lebberen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gelebberd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt lebberen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gelebberd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gelebberd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gelebberd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen lebberen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen lebberen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen lebberen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen lebberen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gelebberd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult lebberen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

frequentatief gevormd uit lebben met het achtervoegsel -er, in de betekenis van ‘slobberen’ voor het eerst aangetroffen in 1897

Woordfamilie van lebberen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gelebberd voltooid deelwoord lebberen
lebber gebiedende wijs lebberen
lebberde verleden tijd lebberen
lebberden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon lebberen
lebbere aanvoegende wijs lebberen
lebberend onvoltooid deelwoord lebberen
lebberende woordvorm lebberen
lebbert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon lebberen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van lebberen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over lebberen

Hoe spreek je lebberen uit?
De uitspraak van lebberen is: /ˈlɛbərə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent lebberen?
Lebberen is een werkwoord. Het woord betekent: (min of meer hoorbaar) met kleine teugjes drinken. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je lebberen?
Je vervoegt lebberen als volgt: de tegenwoordige tijd is lebber, de verleden tijd is lebberde en het voltooid deelwoord is gelebberd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord lebberen is 15 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. L 3
  2. E 1
  3. B 3
  4. B 3
  5. E 1
  6. R 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 15 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

lebberen levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 75 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. L 3
  2. E 1
  3. B 4
  4. B 4
  5. E 1
  6. R 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 17 zonder bonus
  10. 75 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

lebberen in het kort

lebberen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van lebberen zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort lebberen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

lebberen: (min of meer hoorbaar) met kleine teugjes drinken
Deel lebberen — standaardnederlands.nl