landschapsschilder
zelfstandig naamwoord ˈlɑntsxɑpˌsxɪldərBetekenis
- een kunstenaar die vooral schilderijen schildert van landschappen
- landschapschilder
Hoe spreek je landschapsschilder uit?
/ˈlɑntsxɑpˌsxɪldər/
Landschapsschilder bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| l | land |
| ɑ | bad |
| n | nek |
| t | tak |
| s | sok |
| x | acht |
| p | pak |
| ɪ | pit |
| d | dak |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Klinkt hetzelfde als landschapschilder.
zelfstandig naamwoord — masculine
- een kunstenaar die vooral landschappen schildert
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| landschapsschilders | meervoud |
Herkomst
samenstelling van landschap en schilder met het invoegsel -s-
Woordfamilie van landschapsschilder
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| landschapsschilders | meervoud | landschapsschilder |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van landschapsschilder zijn vastgelegd.