kwakkelaar
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand die sukkelt met zijn gezondheid
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| kwakkelaars | meervoud |
| kwakkelaartje | verkleinwoord, enkelvoud |
| kwakkelaartjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van kwakkelen met het achtervoegsel -aar
Woordfamilie van kwakkelaar
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| kwakkelaars | meervoud | kwakkelaar |
| kwakkelaartje | verkleinwoord | kwakkelaar |
| kwakkelaartjes | verkleinwoord meervoud | kwakkelaar |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kwakkelaar zijn vastgelegd.