Naar de inhoud

kuitschieten

van vissen: eieren afzetten

kuitschieten

werkwoord

Betekenis

  1. van vissen: eieren afzetten
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Vervoeging van kuitschieten

kuitschietenhele werkwoord — schoot kuitverleden tijd enkelvoud — schoten kuitverleden tijd meervoud — kuitgeschotenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik schiet kuit schoot kuit
jij schiet kuit schoot kuit
hij, zij, het schiet kuit schoot kuit
wij schieten kuit schoten kuit
jullie schieten kuit schoten kuit
zij schieten kuit schoten kuit
Alle 81 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is kuitgeschoten impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was kuitgeschoten impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd kuitgeschoten impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt kuitgeschoten impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal kuitgeschoten worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal kuitgeschoten zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou kuitgeschoten worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou kuitgeschoten zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had kuitgeschoten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had kuitgeschoten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had kuitgeschoten voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden kuitgeschoten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden kuitgeschoten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden kuitgeschoten voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt kuitgeschoten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb kuitgeschoten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben kuitgeschoten actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben kuitgeschoten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben kuitgeschoten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben kuitgeschoten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt kuitgeschoten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft kuitgeschoten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft kuitgeschoten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
kuit te schieten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
kuit te zullen schieten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
kuit zal schieten bijzin, toekomende tijd
kuit zou schieten bijzin, voorwaardelijk
kuit zouden schieten bijzin, voorwaardelijk
kuit zoudt schieten bijzin, voorwaardelijk
kuit zullen schieten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
kuit zullen schieten bijzin, toekomende tijd
kuit zult schieten bijzin, toekomende tijd
kuitgeschoten verleden tijd, deelwoord
kuitgeschoten te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
kuitgeschoten zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
kuitschiet bijzin, tegenwoordige tijd
kuitschietend onvoltooid, deelwoord
kuitschoot bijzin, verleden tijd
kuitschoten bijzin, verleden tijd
schiet kuit gebiedende wijs
schoot kuit verleden tijd
te hebben kuitgeschoten actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen kuitschieten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal kuitgeschoten hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal kuitgeschoten hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal kuitgeschoten hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal kuitschieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal kuitschieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal kuitschieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal kuitschieten bijzin, toekomende tijd
zou kuitgeschoten hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou kuitgeschoten hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou kuitgeschoten hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou kuitschieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou kuitschieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou kuitschieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou kuitschieten bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) kuitschieten kuit zou(dt) schieten bijzin, voorwaardelijk
zouden kuitgeschoten hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden kuitgeschoten hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden kuitgeschoten hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden kuitschieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden kuitschieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden kuitschieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden kuitschieten bijzin, voorwaardelijk
zoudt kuitgeschoten hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt kuitschieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt kuitschieten bijzin, voorwaardelijk
zullen kuitgeschoten hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen kuitgeschoten hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen kuitgeschoten hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen kuitschieten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen kuitschieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen kuitschieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen kuitschieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen kuitschieten bijzin, toekomende tijd
zult kuitgeschoten hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult kuitschieten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult kuitschieten bijzin, toekomende tijd
zult/zal kuitschieten kuit zult/zal schieten bijzin, toekomende tijd

Herkomst

samenstelling van kuit en schieten

Woordfamilie van kuitschieten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
kuitgeschoten voltooid deelwoord kuitschieten
kuitschiet subordinate-clause, tegenwoordige tijd kuitschieten
kuitschiete with-subordinate-clause kuitschieten
kuitschietend onvoltooid deelwoord kuitschieten
kuitschietende woordvorm kuitschieten
kuitschoot subordinate-clause, verleden tijd kuitschieten
kuitschoten subordinate-clause, verleden tijd kuitschieten
schiet kuit gebiedende wijs kuitschieten
schiete kuit woordvorm kuitschieten
schieten kuit aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon kuitschieten
schoot kuit verleden tijd kuitschieten
schoten kuit aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon kuitschieten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kuitschieten zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over kuitschieten

Wat betekent kuitschieten?
Kuitschieten is een werkwoord. Het woord betekent: van vissen: eieren afzetten. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je kuitschieten?
Je vervoegt kuitschieten als volgt: het voltooid deelwoord is kuitgeschoten. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord kuitschieten is 27 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. K 3
  2. U 4
  3. I 1
  4. T 2
  5. S 2
  6. C 5
  7. H 4
  8. I 1
  9. E 1
  10. T 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 27 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

kuitschieten levert met Wordfeud minimaal 27 en maximaal 111 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. K 3
  2. U 2
  3. I 2
  4. T 2
  5. S 2
  6. C 5
  7. H 4
  8. I 2
  9. E 1
  10. T 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 27 zonder bonus
  14. 111 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

kuitschieten in het kort

kuitschieten staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van kuitschieten zijn 51 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort kuitschieten bij een woordfamilie van 12 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

kuitschieten: van vissen: eieren afzetten
Deel kuitschieten — standaardnederlands.nl