kristalliseren
werkwoordBetekenis
- het vormingsproces van geordende vaste fasen uit een smelt, damp of oplossing
- het doen vormen van geordende vaste fasen uit een smelt, damp of oplossing
Vervoeging van kristalliseren
kristalliserenhele werkwoord — kristalliseerdeverleden tijd enkelvoud — kristalliseerdenverleden tijd meervoud — gekristalliseerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | kristalliseer | kristalliseerde |
| jij | kristalliseert | kristalliseerde |
| hij, zij, het | kristalliseert | kristalliseerde |
| wij | kristalliseren | kristalliseerden |
| jullie | kristalliseren | kristalliseerden |
| zij | kristalliseren | kristalliseerden |
Alle 99 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief, voltooid |
| ben gekristalliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gekristalliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gekristalliseerd | impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon, voltooid |
| er was gekristalliseerd | impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, derde persoon, voltooid |
| er werd gekristalliseerd | impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, eerste persoon, onvoltooid |
| er wordt gekristalliseerd | impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon, onvoltooid |
| er zal gekristalliseerd worden | impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, eerste persoon, onvoltooid |
| er zal gekristalliseerd zijn | impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, derde persoon, voltooid |
| er zou gekristalliseerd worden | impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon, onvoltooid |
| er zou gekristalliseerd zijn | impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, derde persoon, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gekristalliseerd | verleden tijd, deelwoord |
| gekristalliseerd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gekristalliseerd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gekristalliseerd te zullen hebben/zijn | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gekristalliseerd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gekristalliseerd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gekristalliseerd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gekristalliseerd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gekristalliseerd zullen hebben/zijn | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gekristalliseerd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gekristalliseerd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| hebben gekristalliseerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| is gekristalliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gekristalliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| kristalliseer | gebiedende wijs |
| kristalliseerde | verleden tijd |
| kristallisere | aanvoegende wijs |
| kristalliserend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben/zijn gekristalliseerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te kristalliseren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen kristalliseren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gekristalliseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gekristalliseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gekristalliseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gekristalliseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gekristalliseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gekristalliseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gekristalliseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gekristalliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gekristalliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gekristalliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gekristalliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gekristalliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gekristalliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gekristalliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gekristalliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gekristalliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gekristalliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gekristalliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gekristalliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gekristalliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal gekristalliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gekristalliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gekristalliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gekristalliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal kristalliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal kristalliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal kristalliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn gekristalliseerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| zijn gekristalliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gekristalliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gekristalliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gekristalliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou gekristalliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gekristalliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gekristalliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gekristalliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gekristalliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gekristalliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou kristalliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou kristalliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou kristalliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gekristalliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gekristalliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gekristalliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gekristalliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gekristalliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gekristalliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden kristalliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden kristalliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden kristalliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gekristalliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gekristalliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt kristalliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gekristalliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gekristalliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gekristalliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gekristalliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gekristalliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gekristalliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen kristalliseren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen kristalliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen kristalliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen kristalliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gekristalliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gekristalliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult kristalliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘kristallen vormen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1720
Woordfamilie van kristalliseren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gekristalliseerd | voltooid deelwoord | kristalliseren |
| gekristalliseerde | woordvorm | kristalliseren |
| kristalliseer | gebiedende wijs | kristalliseren |
| kristalliseerde | verleden tijd | kristalliseren |
| kristalliseerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | kristalliseren |
| kristalliseert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | kristalliseren |
| kristallisere | aanvoegende wijs | kristalliseren |
| kristalliserend | onvoltooid deelwoord | kristalliseren |
| kristalliserende | woordvorm | kristalliseren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kristalliseren zijn vastgelegd.