koorddansen
werkwoord ˈkordɑnsə(n)Betekenis
- over een gespannen touw of een staaldraad lopen
Hoe spreek je koorddansen uit?
/ˈkordɑnsən/
Koorddansen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| o | boot |
| r | rood |
| d | dak |
| ɑ | bad |
| n | nek |
| s | sok |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van koorddansen
koorddansenhele werkwoord — koorddansteverleden tijd enkelvoud — koorddanstenverleden tijd meervoud — gekoorddanstvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | koorddans | koorddanste |
| jij | koorddanst | koorddanste |
| hij, zij, het | koorddanst | koorddanste |
| wij | koorddansen | koorddansten |
| jullie | koorddansen | koorddansten |
| zij | koorddansen | koorddansten |
Alle 27 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ev. | gebiedende wijs |
| gekoorddanst | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gekoorddanst | verleden tijd, deelwoord |
| gekoorddanst te zullen | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gekoorddanst zullen | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| koorddans | gebiedende wijs |
| koorddanse | aanvoegende wijs |
| koorddansend | onvoltooid, deelwoord |
| koorddanste | verleden tijd |
| te gekoorddanst | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te koorddansen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen koorddansen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| zal koorddansen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal koorddansen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal koorddansen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zou koorddansen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou koorddansen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou koorddansen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden koorddansen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden koorddansen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden koorddansen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt koorddansen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen koorddansen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen koorddansen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen koorddansen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen koorddansen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult koorddansen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
samenstelling van koord zn en dansen ww
Woordfamilie van koorddansen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gekoorddanst | voltooid deelwoord | koorddansen |
| koorddans | gebiedende wijs | koorddansen |
| koorddanse | aanvoegende wijs | koorddansen |
| koorddansend | onvoltooid deelwoord | koorddansen |
| koorddansende | woordvorm | koorddansen |
| koorddanst | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | koorddansen |
| koorddanste | verleden tijd | koorddansen |
| koorddansten | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | koorddansen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van koorddansen zijn vastgelegd.