knijp
werkwoord, zelfstandig naamwoord knɛipBetekenis
- (Limburg) een gereedschap om een warme pan of ketel mee vast te houden.
Hoe spreek je knijp uit?
/knɛip/
Knijp bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| n | nek |
| ɛi | trein |
| p | pak |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van knijpen
- gebiedende wijs van knijpen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van knijpen
Vervoeging van knijp
knijphele werkwoord
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- een stuk gereedschap om een warme pan of ketel mee vast te houden. Limburg
Herkomst
Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘kroeg’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1912
Woordfamilie van knijp
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| knijpje | woordvorm | knijp |
| knijpjes | meervoud | knijp |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van knijp zijn vastgelegd.