Naar de inhoud

kloeten

zich met een vaarboom in een bootje voortbewegen

kloeten is meer dan één woord

kloeten

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. zich met een vaarboom in een bootje voortbewegen

Vervoeging van kloeten

kloetenhele werkwoord — kloetteverleden tijd enkelvoud — kloettenverleden tijd meervoud — gekloetvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik kloet kloette
jij kloet kloette
hij, zij, het kloet kloette
wij kloeten kloetten
jullie kloeten kloetten
zij kloeten kloetten
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is gekloet impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gekloet impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gekloet impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gekloet impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gekloet worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gekloet zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gekloet worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gekloet zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gekloet verleden tijd, deelwoord
gekloet te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gekloet zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gekloet voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gekloet voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gekloet voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gekloet voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gekloet voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gekloet voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gekloet voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gekloet voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gekloet actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gekloet voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gekloet voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gekloet voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gekloet voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gekloet voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gekloet voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
kloet gebiedende wijs
kloete aanvoegende wijs
kloetend onvoltooid, deelwoord
kloette verleden tijd
te hebben gekloet actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te kloeten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen kloeten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gekloet hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gekloet hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gekloet hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal kloeten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal kloeten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal kloeten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gekloet hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gekloet hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gekloet hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou kloeten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou kloeten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou kloeten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gekloet hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gekloet hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gekloet hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden kloeten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden kloeten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden kloeten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gekloet hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt kloeten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gekloet hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gekloet hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gekloet hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen kloeten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen kloeten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen kloeten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen kloeten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gekloet hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult kloeten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord kloet

Woordfamilie van kloeten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gekloet voltooid deelwoord kloeten
kloete aanvoegende wijs kloeten
kloetend onvoltooid deelwoord kloeten
kloetende woordvorm kloeten
kloette verleden tijd kloeten
kloetten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon kloeten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kloeten zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over kloeten

Wat betekent kloeten?
Kloeten is een werkwoord. Het woord betekent: zich met een vaarboom in een bootje voortbewegen.
Hoe vervoeg je kloeten?
Je vervoegt kloeten als volgt: de tegenwoordige tijd is kloet, de verleden tijd is kloette en het voltooid deelwoord is gekloet. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord kloeten is 12 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. K 3
  2. L 3
  3. O 1
  4. E 1
  5. T 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 12 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

kloeten levert met Wordfeud minimaal 12 en maximaal 94 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. K 3
  2. L 3
  3. O 1
  4. E 1
  5. T 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 12 zonder bonus
  9. 94 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (K) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

kloeten telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

kloeten in het kort

kloeten is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Van kloeten zijn 39 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort kloeten bij een woordfamilie van 6 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

kloeten: zich met een vaarboom in een bootje voortbewegen
Deel kloeten — standaardnederlands.nl