Naar de inhoud

kisten

een kisting of kist maken

kisten is meer dan één woord

kisten

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. een kisting of kist maken
  2. een lijk in de doodkist leggen

Vervoeging van kisten

kistenhele werkwoord — kistteverleden tijd enkelvoud — kisttenverleden tijd meervoud — gekistvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik kist kistte
jij kist kistte
hij, zij, het kist kistte
wij kisten kistten
jullie kisten kistten
zij kisten kistten
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gekist voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gekist voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gekist impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gekist impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gekist impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gekist impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gekist worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gekist zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gekist worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gekist zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gekist verleden tijd, deelwoord
gekist te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gekist te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gekist te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gekist te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gekist te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gekist worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gekist zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gekist zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gekist zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gekist zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gekist voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gekist voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gekist voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gekist voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gekist voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gekist voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gekist voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gekist voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gekist actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gekist voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gekist voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gekist voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gekist voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gekist voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gekist voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gekist voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gekist voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
kist gebiedende wijs
kiste aanvoegende wijs
kistend onvoltooid, deelwoord
kistte verleden tijd
te hebben gekist actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te kisten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen kisten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gekist voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gekist voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gekist voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gekist voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gekist voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gekist voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gekist voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gekist enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gekist enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gekist enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gekist enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gekist enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gekist enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gekist enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gekist enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gekist enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gekist enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gekist enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gekist enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gekist enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gekist hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gekist hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gekist hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gekist worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gekist worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gekist zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gekist zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal kisten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal kisten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal kisten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gekist voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gekist voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gekist voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gekist voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gekist hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gekist hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gekist hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gekist worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gekist worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gekist worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gekist zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gekist zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gekist zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou kisten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou kisten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou kisten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gekist hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gekist hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gekist hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gekist worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gekist worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gekist worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gekist zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gekist zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gekist zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden kisten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden kisten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden kisten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gekist hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gekist worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gekist zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt kisten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gekist hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gekist hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gekist hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gekist worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gekist worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gekist worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gekist zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gekist zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gekist zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen kisten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen kisten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen kisten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen kisten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gekist hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gekist worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gekist zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult kisten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord kist

Woordvorm

  • meervoud verleden tijd van kissen

Vervoeging van kisten

kistenhele werkwoord

Woordfamilie van kisten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
kistend onvoltooid deelwoord kisten
kistende woordvorm kisten
kistte verleden tijd kisten
kistten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon kisten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kisten zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over kisten

Wat is de betekenis van kisten?
Kisten is een werkwoord. De betekenis is: een kisting of kist maken. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik kisten?
Zo vervoeg je kisten zo: de tegenwoordige tijd is kist, de verleden tijd is kistte en het voltooid deelwoord is gekist. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord kisten is 10 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. K 3
  2. I 1
  3. S 2
  4. T 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 10 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

kisten levert met Wordfeud minimaal 11 en maximaal 51 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. K 3
  2. I 2
  3. S 2
  4. T 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 11 zonder bonus
  8. 51 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (K) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

kisten telt 6 letters, waarvan 6 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

kisten in het kort

kisten is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van kisten staan er 74 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort kisten bij een woordfamilie van 4 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

kisten: een kisting of kist maken
Deel kisten — standaardnederlands.nl