kaper
zelfstandig naamwoord ˈkapərBetekenis
- vroegere zeerover die met een machtiging van de overheid werkte
- terrorist die een vliegtuig, trein, schip of e.d. kaapt
- hoofddeksel met een aangeknipte kraag over de schouders
Hoe spreek je kaper uit?
/ˈkapər/
Kaper bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| a | maan |
| p | pak |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| kapers | meervoud |
| kapertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| kapertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
afgeleid van kapen met het achtervoegsel -er
Woordfamilie van kaper
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| kapers | meervoud | kaper |
| kapertje | verkleinwoord | kaper |
| kapertjes | verkleinwoord meervoud | kaper |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kaper zijn vastgelegd.